Posts tonen met het label opstanding. Alle posts tonen
Posts tonen met het label opstanding. Alle posts tonen

vrijdag 2 november 2018

Waarom zou ik de Bijbel geloven? Beluister het korte antwoord

Beluister de audio met korte apologetisch antwoord op grote vragen. In deze file: “Waarom zou ik de Bijbel geloven?

Deze en een eerder geposte audiofile (Is er bewijs voor de opstanding? Is Jezus de enige weg?) komen uit een avond met korte antwoorden op grote vragen uit augustus 2018. In Rekkem waren toen Simon Edwards (AUS) en Alanzo Paul (CAN) te gast.

Beiden zijn werkzaam voor Zacharias Trust.

>>> Waarom zou ik de Bijbel geloven – door Alanzo Paul


Zacharias Trust maakt deel uit van RZIM (Ravi Zacharias International Ministries)

Meer weten of Alanzo Paul? Lees Inner city life, the story of Alanzo Julian Paul

Bron afbeelding: Twitter @alanzo_paul

donderdag 18 oktober 2018

Is er bewijs voor de opstanding? Is Jezus de enige weg? Beluister de korte antwoorden



Beluister de audio met korte apologetische antwoorden op grote vragen.
Deze antwoorden dateren uit augustus 2018 in Rekkem, met Simon Edwards (AUS, rechts op de foto) en Alanzo Paul (CAN).
Beiden zijn werkzaam voor Zacharias Trust.

In de audiofile beantwoordt Simon Edwards kort een vraag, gevolgd door Alanzo Paul over een andere vraag.

>> Is er bewijs voor de opstanding - door Simon Edwards
>> Is Jezus de enige weg - door Alanzo Paul


Zacharias Trust maakt deel uit van RZIM (Ravi Zacharias International Ministries)



donderdag 25 september 2014

'Er is geen ander evangelie, er zijn alleen maar mensen die u in verwarring brengen' (Gal. 1)

2 Samuël 21; Galaten 1; Ezechiël 28; Psalm 77

De openingszinnen van de brieven van Paulus zijn gewoonlijk met grote zorg samengesteld. De eenvoudigste vorm van brieven in de oude Griekse wereld was: ‘Van mij, aan jou, Groeten’ – vaak gevolgd door een bepaalde verklaring van dank, en dan de body [het hoofddeel] van de brief.

Maar het is Paulus’ gewoonte om te ‘sleutelen’ aan elk onderdeel om te anticiperen op wat er nog volgt in de rest van de brief. Een studie van zijn brief als geheel verrijkt dus ons begrip van zijn openingszinnen – en vice versa (Gal. 1:1-5).

(1) Paulus stelt zichzelf niet altijd voor als ‘een apostel’. Soms gebruikt hij geen aanduiding (bijv. in 1 en 2 Thess.); soms verwijst hij naar zichzelf als een ‘dienstknecht’ (Rom. 1:1). Hier is hij ‘Paulus, een apostel’ omdat een aantal mensen de christenen in Galatië in verwarring brachten met een ‘ander evangelie’, dat eigenlijk helemaal ‘geen evangelie is’ (1:6-7), en om dit te doen moesten ze Paulus’ gezag ondermijnen en hem in het beste geval afwijzen als een derivaat-apostel.

(2) Zo niet, zegt Paulus: niet alleen is hij een apostel, maar hij was gezonden ‘niet vanwege mensen, noch door een mens, maar door Jezus Christus, en God, de Vader’ (1:1). Zijn apostelschap was niet een afgeleid apostelschap, alsof hij was uitgestuurd door de gemeente in Jeruzalem, of door een of andere eersteklas apostel daar. Hij was integendeel gezonden ‘door Jezus Christus’, op basis van zijn ervaring op de weg naar Damascus waarbij hij de opgewekte en verheerlijkte Jezus zelf had gezien, en door God de Vader.

(3) Paulus bestempelt God de Vader als degene die Jezus heeft opgewekt uit de dood. Paulus had de opgewekte Jezus gezien, de verrezen Jezus. In zijn jaren als toegewijde farizeeër, had hij Jezus afgewezen als een boze bedrieger, een boosdoener, door God vervloekt zoals duidelijk bleek uit de manier waarop hij stierf. De opgewekte Jezus zelf zien, deed Paulus alles heroverwegen. Jezus was door God zelf gerechtvaardigd, en het goede nieuws waarvan Paulus een afgezant [of apostel] was is gegrond in Jezus’ kruisiging en opstanding.

(4) Hoezeer hij ook de nadruk legt op zijn status en gezag als apostel, toch associeert Paulus zichzelf en zijn leer op een wijze manier met ‘al de broeders’ die bij hem zijn (1:2). Als de Galaten dan afgetrokken worden naar dit ‘andere evangelie’, dan moeten ze weten dat ze zich niet alleen afwenden van Paulus, maar ook van de talloze gelovigen die op een lijn staan met Paulus.

(5) In plaats van de traditionele groet Chairein, gebruikt Paulus het christelijke woord genade (charis) en de Joodse groet vrede (shalom in het Hebreeuws) en baseert deze zegeningen op de plaatsvervangende dood van de Heer Jezus (1:3-5) – niet op een bepaalde bijzondere relatie tot de Wet van Mozes.

(6) Verbluffend genoeg laat Paulus het ‘dank’-gedeelte weg, en gaat meteen over tot zijn verbijsterde terechtwijzing over de dreigende afvalligheid van zijn lezers (1:6-10). Hoe zeldzaam ook, er zijn momenten dat een vermaning niet kan wachten.


Eigen vertaling van de overdenking bij 25 september uit 'For the Love of God - Volume 1'. Dit is een dagboek door D.A. Carson, uitgegeven in 1998 door Crossway Books. Volumes van het dagboek kunnen in het Engels online gevolgd worden via de blog For the Love of God (The Gospel Coalition). For the Love of God volume I is beschikbaar in pdf-formaat voor gratis download via deze link naar For the Love of God Volume I. Met toestemming overgenomen van Crossway, de uitgeverstak van Good News Publishers, Wheaton, IL 60187, www.crossway.org Rechten Nederlandse vertaling: Jan Leplae – Niets van deze vertaling mag overgenomen worden zonder voorafgaandelijke schriftelijke toestemming.

zondag 30 maart 2014

In het voetspoor van de moedige Thomas (Joh. 20)


Leviticus 1; Johannes 20; Spreuken 17; Filippenzen 4

Thomas krijgt heel wat negatieve commentaren – ‘Ongelovige Thomas’, noemen we hem. Maar de reden voor zijn twijfel of Jezus uit de dood was opgestaan, had mogelijk meer te maken met het feit dat hij niet aanwezig was toen Jezus voor het eerst verscheen aan de groep apostelen (Joh. 20:19-25). Is het niet duidelijk dat geen van de anderen het er beter vanaf had gebracht, indien zij op die bewuste dag afwezig waren geweest?

In elk geval ontbreekt het Thomas niet aan moed. Wanneer Jezus zich voorneemt om vanuit Galilea naar Judea terug te keren om Lazarus uit de doden op te wekken, zijn de discipelen zich bewust van het politieke klimaat en erkennen ze het gevaar van een dergelijke koers. Maar dan is het Thomas die zijn collega’s rustig aanmoedigt: ‘Laten wij ook gaan om met Hem te sterven’ (11:16).

Bij een andere gelegenheid formuleert Thomas de vraag die de hele groep wil stellen. Wanneer Jezus stelt dat Hij weggaat en dat ze nu echt wel de weg al kennen, spreekt Thomas zo niet alleen voor zichzelf wanneer hij stil tegenwerpt ‘Here, wij weten niet, waar Gij heengaat; hoe weten wij dan de weg?’ (14:5).

Maar hier in Johannes 20, wanneer hij degene is die de pech heeft afwezig te zijn, bij de tweede verschijning van de opgewekte Jezus aan de groep apostelen, geeft Thomas de aanzet voor een dialoog die van ontzettend groot belang is.

Wanneer Jezus opdaagt, doorheen de gesloten deuren, wendt Hij zich specifiek tot Thomas en toont hem de tekens van zijn wonden: ‘Breng uw vinger hier en zie mijn handen en breng uw hand en steek die in mijn zijde, en wees niet ongelovig, maar gelovig’ (20:27). Thomas vraagt geen verder bewijs. Hij barst uit in een van de grote christologische belijdenissen van het Nieuwe Testament: ‘Mijn Here en mijn God!’ (20:28).

Jezus antwoordt met een uitspraak die licht werpt op het karakter van het christelijk getuigenis van vandaag: ‘Omdat gij Mij gezien hebt, hebt gij geloofd? Zalig zij, die niet gezien hebben en toch geloven’ (20:29).

Jezus werpt hier zijn schaduw vooruit op de vlakten van de geschiedenis, terwijl Hij zich de ontelbare miljoenen voorstelt die op Hem zullen vertrouwen zonder Hem ooit in het vlees te hebben gezien, zonder de littekens in zijn handen, voeten en zijde te hebben nagegaan. Hun geloof is niet minderwaardig.

In de bijzondere voorzienigheid van God is het verslag van Thomas’ ervaring zelfs een van de zaken die de Geest van God zal gebruiken om hen tot geloof te brengen.

Genadig biedt Jezus de visuele en tastbare bewijzen aan die ene persoon, zodat het geschreven verslag van Thomas’ geloof en belijdenis een stimulans zou vormen voor de bekering van wie slechts toegang hebben tot de tekst. Zowel Thomas als wie na hem kwamen geloven in Jezus en hebben leven in zijn naam (20:30-31).


Eigen vertaling van de overdenking bij 30 maart uit 'For the Love of God - Volume 1'. Dit is een dagboek door D.A. Carson, uitgegeven in 1998 door Crossway Books. Volumes van het dagboek kunnen in het Engels online gevolgd worden via de blog For the Love of God (The Gospel Coalition). For the Love of God volume I is beschikbaar in pdf-formaat voor gratis download via deze link naar For the Love of God Volume I. Met toestemming overgenomen van Crossway, de uitgeverstak van Good News Publishers, Wheaton, IL 60187, www.crossway.org Rechten Nederlandse vertaling: Jan Leplae – Niets van deze vertaling mag overgenomen worden zonder voorafgaandelijke schriftelijke toestemming.

donderdag 27 maart 2014

'Mercy tree' door Lacey Sturm



Een tijd terug hoorde ik voor het eerst van Lacey Sturm via een video met daarin ook nog Billy Graham en Lecrae.
Nu even teruggezocht. De tekst van het lied is een goede voorbereiding op het goede nieuws dat overal nog sterker klinkt in de periode van Pasen: 'death has died and love has won, hallelujah! Jesus Christ has overcome'.

Mercy Tree - door Lacey Sturm

On a hill called Calvary
Stands an endless mercy tree
Every broken weary soul
Find your rest and be made whole
Stripes of blood that stain its frame
Shed to wash away our shame
From the scars pure love released
Salvation by the mercy tree

Verse 2
In the spot between two thieves
Hung the blameless Prince of Peace
Beaten, battered, scarred, and scorned
Sacred head pierced by our thorns
It is finished was his cry
The perfect lamb was crucified
His sacrifice, our victory
Our Savior chose the mercy tree

Verse 3
Hope went dark that violent day
The whole earth quaked at love's display
Three days silent in the ground
This body born for heaven's crown
On that bright and glorious day
When heaven opened up the grave
He's alive and risen indeed!
Praise him for the mercy tree!

Chorus
Death has died, love has won
Hallelujah! Hallelujah!
Jesus Christ has overcome
He has risen from the dead

Verse 4
One day soon, we'll see his face
And every tear, he'll wipe away
No more pain or suffering
Praise him for the mercy tree

(Chorus 2x)
On a hill called Calvary
Stands an endless mercy tree

maandag 10 maart 2014

Waarom zoekt u de levende onder de doden? (Lk. 24)


Exodus 21; Lukas 24; Job 39; 2 Korinthiërs 9
De eerste twee verzen van het volgende gedicht zijn een overdenking van een deel van Lukas 24:1-8, 13-25. De laatste twee verzen zijn gebaseerd op andere verslagen van de opstanding (Joh. 20:24-29; Heb. 2:14-15; 1 Kor. 15:50-58). Het kan gezongen worden op de melodie ‘Londonderry Air’ ([later gebruikt voor het lied, JL] ‘Danny Boy’).

[vrije vertaling van de Engelse tekst onderaan]

Ze kwamen alleen: enkele vrouwen die Hem eerden,
Ze bogen neer met specerijen om zijn lichaam te zalven.
Ze weenden zich een weg door de donkere straten om hem te eren -
Hem, wiens dood al hun hoop had verbrijzeld.

‘Waarom zoek je naar leven tussen de graven?
Hij is niet hier. Hij is opgestaan, zoals Hij heeft gezegd.
Herinner je hoe Hij nog in Galilea heeft gezegd:
De Zoon des Mensen zal sterven – en opstaan uit de dood.’

De twee wandelden naar huis, een les in verslagenheid en verlies,
Terwijl ze hun droefgeestigheid uitleggen aan een vreemde -
Hoe Jezus de Koning leek voor zijn kruis,
Hoe al hun hoop nu begraven lag in zijn graf.

‘Hoe traag ben je om te zien dat Christus’ glorieuze pelgrimsreis
Over het kruis liep’ – en toen brak Hij het brood.
Hun ogen werden geopend en ze begrepen de waarheid uit de Schrift:
De man die hen had geleerd was opgestaan uit de dood.

Hij was een skepticus: niet voor hem dat gemakkelijke geloof
Dat de waarheid inruilt voor sentimenteel gezucht.
Tenzij hij de tekenen van de nagels in zijn handen zelf zou zien,
En zijn zijde zou aanraken, zou hij de leugen niet geloven.

Toen kwam Jezus, hoewel de deuren dicht waren en op slot.
‘Bekeer je van je twijfel, en voel maar in mijn zijde;
Bespeur de wonden die de nagels in mijn gebroken handen nalieten.
En begrijp dat Ik die tot je spreek eens stierf.’

Vele jaren gingen voorbij, en nog steeds krijgen we te maken met de vrees voor de dood,
Die onze geliefden wegrooft, en ons ontdaan achterlaat,
En ons nog altijd confronteert, met ijzige adem wenkend,
Met de finale verschrikking wanneer de levensloop is gelopen.

Maar dit weet ik: de Redder ging op deze weg al voor,
Zijn lichaam bekleed met onsterfelijkheid.
De prikkel van de dood is weggenomen: de macht van de zonde is gebroken.
We zingen: de dood is verzwolgen in de overwinning.

They came alone: some women who remembered him,
Bowed down with spices to anoint his corpse.
Through darkened streets, they wept their way to honor him—
The one whose death had shattered all their hopes.

“Why do you look for life among the sepulchers?
He is not here. He’s risen, as he said.
Remember how he told you while in Galilee:
The Son of Man will die—and rise up from the dead.”

The two walked home, a study in defeat and loss,
Explaining to a stranger why the gloom—
How Jesus seemed to be the King before his cross,
How all their hopes lay buried in his tomb.

“How slow you are to see Christ’s glorious pilgrimage
Ran through the cross”—and then he broke the bread.
Their eyes were opened, and they grasped the Scripture’s truth:
The man who taught them had arisen from the dead.

He was a skeptic: not for him that easy faith
That swaps the truth for sentimental sigh.
Unless he saw the nail marks in his hands himself,
And touched his side, he’d not believe the lie.

Then Jesus came, although the doors were shut and locked.
“Repent of doubt, and reach into my side;
Trace out the wounds that nails left in my broken hands.
And understand that I who speak to you once died.”

Long years have passed, and still we face the fear of death,
Which steals our loved ones, leaving us undone,
And still confronts us, beckoning with icy breath,
The final terror when life’s course is run.

But this I know: the Savior passed this way before,
His body clothed in immortality.
The sting’s been drawn: the power of sin has been destroyed.
We sing: Death has been swallowed up in victory.


Eigen vertaling van de overdenking bij 10 maart uit 'For the Love of God - Volume 1'. Dit is een dagboek door D.A. Carson, uitgegeven in 1998 door Crossway Books. Volumes van het dagboek kunnen in het Engels online gevolgd worden via de blog For the Love of God (The Gospel Coalition). For the Love of God volume I is beschikbaar in pdf-formaat voor gratis download via deze link naar For the Love of God Volume I. Met toestemming overgenomen van Crossway, de uitgeverstak van Good News Publishers, Wheaton, IL 60187, www.crossway.org Rechten Nederlandse vertaling: Jan Leplae – Niets van deze vertaling mag overgenomen worden zonder voorafgaandelijke schriftelijke toestemming.

dinsdag 10 december 2013

Hij legde hun uit, wat in al de Schriften op Hem betrekking had (Lk. 24)

2 Kronieken 10; Openbaring 1; Zefanja 2; Lukas 24
De opgestane Jezus verscheen aan zijn discipelen bij diverse gelegenheden. Hier denken we na over Lukas 24:36-49.

Ongeacht wat de Bijbel zegt over de getransformeerde aard van het opstandingslichaam (in het bijzonder 1 Kor. 15), wijkt Jezus in dit gedeelte van zijn weg af om aan te tonen dat Hij niet een gedematerialiseerd lichaam is of een geest zonder lichaam.

Hij kan worden aangeraakt; de wonden van de nagels kunnen worden gezien (dit is de betekenis van zijn woorden, ‘Ziet mijn handen en mijn voeten, dat Ik het zelf ben’ [24:39]); Hij spreekt over zichzelf als iemand die ‘vlees en beenderen’ heeft; terwijl Hij wat voedsel eet in het bijzijn van zijn discipelen (24:42-43).

Dit is volkomen consistent met andere stemmen in het Nieuwtestamentisch getuigenis. Het is onvoorstelbaar heerlijk: de dood is verslagen, en de langverwachte koning, eens gekruisigd, is nu in leven.

Maar Jezus benadrukt dat zijn discipelen niet verwonderd mochten zijn. Hij had al een tijd voorzegd dat Hij zou sterven en weer opstaan, maar ze hadden geen begrippen om zijn woorden in hun volle kracht te kunnen aanvaarden.

Nu gaat Hij verder: wat met Hem is gebeurd, is een vervulling van wat over Hem staat geschreven ‘in de wet van Mozes en de profeten en de psalmen’ (24:44 – d.w.z. in alle drie de delen van de Hebreeuwse canon, waarnaar vaak op precies dezelfde manier wordt verwezen).

Dat Jezus dit aan hen moet uitleggen, behelst natuurlijk dat zij de Schriften op het vlak van zijn persoon echt niet goed hebben begrepen. Dus nu opent Hij hun verstand om dit euvel te verhelpen (24:45).

Hij doet dit door samen te vatten wat de Schriften zeggen – net zoals Hij op weg naar Emmaüs aan de twee discipelen precies hetzelfde uitlegde. Bij die gelegenheid begon Hij met Mozes en al de profeten ‘en legde hun uit, wat in al de Schriften op Hem betrekking had’ (24:27).

Jezus las het Oude Testament duidelijk op een geïntegreerde manier, met Hemzelf in het centrum ervan. Vanuit de Nieuwtestamentische verslagen die door Jezus’ rechtstreekse discipelen en erfgenamen zijn opgeschreven, kunnen we een behoorlijk volledig beeld krijgen van hoe Hij zichzelf op dit vlak zag.

Hij zag zich niet alleen als de rechtmatige messiaanse koning in de lijn van David, maar ook als de lijdende knecht die verwond zou worden voor onze overtredingen. Hij wist dat Hij niet alleen het zoenoffer was, maar ook de priester die het offer bracht.

Hij was niet alleen de gehoorzame Zoon die de taak vervulde die zijn Vader Hem had gegeven, maar ook het eeuwige vleesgeworden Woord dat de Vader volmaakt kon openbaren tegenover een generatie van opstandige beelddragers. En zoveel meer. En al deze dingen moeten wij ook zien, en neerbuigen in eerbiedige, vreugdevolle aanbidding.


Eigen vertaling van de overdenking bij 10 december uit 'For the Love of God - Volume 2'. Dit is een dagboek door D.A. Carson, uitgegeven in 1999 door Crossway Books. Volumes van het dagboek kunnen in het Engels online gevolgd worden via de blog For the Love of God (The Gospel Coalition). For the Love of God volume II is beschikbaar in pdf-formaat voor gratis download via deze link naar For the Love of God Volume II. Met toestemming overgenomen van Crossway, de uitgeverstak van Good News Publishers, Wheaton, IL 60187, www.crossway.org Rechten Nederlandse vertaling: Jan Leplae – Niets van deze vertaling mag overgenomen worden zonder voorafgaandelijke schriftelijke toestemming.

woensdag 6 maart 2013

We krijgen een eeuwige, niet door mensenhanden gemaakte woning in de hemel (2 Kor. 5)


Exodus 17; Lukas 20; Job 35; 2 Korinthiërs 5

Dingen zijn nooit zo goed als ze zouden kunnen zijn. En als ze dan al voor een kort moment zo goed zijn als je je kunt inbeelden, als je dan voor even lijkt de nectar van het leven zelf in te zuigen met elke ademtocht die je in je hebt, dan weet jij net zo goed als ik dat dergelijke hoogtes niet kunnen blijven duren.

Morgen ga je terug naar je werk. Je kunt je job graag doen, maar hij brengt druk met zich mee. Jouw huwelijk mag misschien dicht bij het idyllische aanleunen, maar in een donkere bui vraag je je misschien af hoeveel je niet wilt en kunt delen met je echtgenoot. De warme westenwind die je haar streelt verandert in een tornado die je huis vernielt. Een van je ouders wordt getroffen door de ziekte van Alzheimer; een van je kinderen sterft.

Er valt zoveel te genieten rond je, maar als je begint de kauwen op de filet mignon die je kinderen voor je verjaardag gekocht hebben, denk je aan de miljoenen die elke dag sterven van de honger. Er valt niet te ontkomen aan de harde realiteit dat, hoe wondermooi je ervaringen in deze gebroken wereld ook zijn, anderen lijden onder ervaringen die veel schadelijker zijn, en jij zelf kunt ook nooit geloven dat wat je meemaakt volkomen ideaal is.

Die rusteloosheid is voor ons welzijn. Het is een ontwerpkenmerk dat hoort bij onze samenstelling, bij onze aard als schepselen die gemaakt zijn naar het beeld van God. We zijn gemaakt om de eeuwigheid te bewonen; door constitutie weten we dat we behoren bij iets beters dan een wereld (hoe mooi ook bij momenten) die overspoeld wordt door zonde.

Paulus begrijpt dit punt volkomen (2 Korinthiërs 5:1-5). Hij kijkt vooruit naar de tijd waarin ‘de aardse tent’ (ons huidige lichaam) zal worden afgebroken, en weet dat ‘wij een gebouw van God hebben, in de hemelen, niet met handen gemaakt, een eeuwig huis’ (5:1) – ons opstandingslichaam. ‘Want hierom zuchten wij: wij haken ernaar met onze woonstede uit de hemel overkleed te worden’ (5:2). Niet dat we wensen dit sterfelijke kleed uit te trekken en willen bestaan in een naakte onsterfelijkheid: dat is niet onze ultieme hoop, ‘omdat wij niet ontkleed, doch overkleed willen worden, opdat het sterfelijke door het leven worde verslonden’ (5:4).

Dan voegt Paulus eraan toe: ‘God is het, die ons juist dáártoe bereid heeft en die ons de Geest tot onderpand gegeven heeft’ (5:5). God heeft ons voor zijn doel gemaakt, d.w.z. voor het doel van opstandingsleven, voor ons verzekerd door de dood van zijn Zoon.

Bovendien heeft God ons, in afwachting van de heerlijke vervulling van leven, al zijn Geest gegeven als een onderpand, een soort voorafbetaling van de ultieme erfenis.

Geen wonder dan dat we zuchten in afwachting en ontdekken dat onze zielen rusteloos zijn in deze tijdelijke verblijfplaats die de doodstraf over zich draagt.


Eigen vertaling van de overdenking bij 6 maart uit 'For the Love of God - Volume 2'. Dit is een dagboek door D.A. Carson, uitgegeven in 1999 door Crossway Books. Volumes van het dagboek kunnen in het Engels online gevolgd worden via de blog For the Love of God (The Gospel Coalition). For the Love of God volume II is beschikbaar in pdf-formaat voor gratis download via deze link naar For the Love of God Volume II. Met toestemming overgenomen van Crossway, de uitgeverstak van Good News Publishers, Wheaton, IL 60187, www.crossway.org Rechten Nederlandse vertaling: Jan Leplae – Niets van deze vertaling mag overgenomen worden zonder voorafgaandelijke schriftelijke toestemming.

donderdag 28 februari 2013

Met alleen ons getuigenis, hebben we niet het evangelie gebracht (1 Kor. 15)


Exodus 11:1-12:20; Lukas 14; Job 29; 1 Korinthiërs 15
De samenvatting van het apostolische evangelie bij het begin van 1 Korinthiërs 15 wordt uiteengezet in een aantal punten: Christus stierf voor onze zonden naar de Schriften, Hij werd begraven, Hij werd opgewekt op de derde dag naar de Schriften.

Het laatste punt wordt dan verder uitgewerkt: na zijn opstanding verscheen Jezus Christus aan Petrus, aan de twaalven, aan meer dan 500 mensen tegelijk (waarvan sommigen ondertussen zijn gestorven, hoewel de meesten op het moment van het schrijven nog altijd in leven zijn en dus in staat zijn om ervan te getuigen), aan Jakobus, aan alle apostelen, en uiteindelijk aan Paulus. De lijst is niet bedoeld om volledig te zijn, maar breed omvattend, met speciale focus op de officiële vaandeldragers van de christelijke traditie en op Paulus zelf als een van hen.

Iets van het belang van de opstanding wordt dan uiteengezet in de volgende verzen. Enkele beschouwingen vooraf:

Ten eerste gaat ‘het evangelie’ niet in de eerste plaats over iets dat God gedaan heeft voor mij, maar over iets dat God objectief gedaan heeft in de geschiedenis. Het gaat over Jezus, in het bijzonder over zijn dood en opstanding. We hebben het evangelie niet gepredikt wanneer we niets meer dan ons persoonlijke getuigenis gegeven hebben, of wanneer we een reeks mooie verhalen over Jezus aangereikt hebben, maar niet de telos (het doel of de bedoeling) bereikt hebben van het verhaal dat in de vier Evangeliën verteld wordt.

Ten tweede speelden de eerste gebeurtenissen van dit evangelie zich af ‘naar de schriften’. De precieze manier waarop de schriften deze gebeurtenissen voorzegden – vaak via typologie – is niet onze directe zorg; veeleer het eenvoudige feit van het verband met de Schrift is zo verbazingwekkend.

Niemand in de vroege kerk zag het belang van Jezus als iets volledig nieuw, of als iets dat los stond van alles wat daarvoor was gebeurd. Ze zagen Hem eerder als het sluitstuk, de culminatie, het heerlijke doel, de climax van al Gods voorafgaande openbaring in de heilige Schrift.

Ten derde redt dit evangelie ons (15:2). Heel wat theologie wordt al verondersteld met deze paar woorden: in het bijzonder hetgeen waarvan we gered worden. Inbegrepen zijn hier Paulus’ verstaan van mensen die zijn geschapen naar het beeld van God, de vreselijkheid van de zonde en de vloek van God die ons van onze Schepper gescheiden heeft, en ons onvermogen om onszelf te herscheppen. Het evangelie redt ons – en we moeten altijd precies in gedachten houden waarvan we gered zijn.

Ten vierde maakt Paulus niet alleen het onderwerp van dit reddende geloof duidelijk (namelijk het evangelie), maar ook de aard van dit geloof: het is geloof dat volhardt, dat stevig vasthoudt aan het woord dat door de apostelen gepredikt wordt. ‘tenzij gij tevergeefs tot geloof zoudt gekomen zijn’ (15:2) – een punt dat vaak terugkomt in het Nieuwe Testament (bijv. Joh. 8:31; Kol. 1:23; Heb. 3:14; 2 Pet. 1:10).


Eigen vertaling van de overdenking bij 28 februari uit 'For the Love of God - Volume 2'. Dit is een dagboek door D.A. Carson, uitgegeven in 1999 door Crossway Books. Volumes van het dagboek kunnen in het Engels online gevolgd worden via de blog For the Love of God (The Gospel Coalition). For the Love of God volume II is beschikbaar in pdf-formaat voor gratis download via deze link naar For the Love of God Volume II. Met toestemming overgenomen van Crossway, de uitgeverstak van Good News Publishers, Wheaton, IL 60187, www.crossway.org Rechten Nederlandse vertaling: Jan Leplae – Niets van deze vertaling mag overgenomen worden zonder voorafgaandelijke schriftelijke toestemming.

zaterdag 26 januari 2013

'Waarom wordt het bij u ongelofelijk geacht, als God doden opwekt?' (Hd. 26)

Genesis 27; Matteüs 26; Esther 3; Handelingen 26

In Handelingen 26 biedt Lukas ons het derde verslag in dit boek van de bekering van Paulus (vergelijk met Handelingen 9 en 22). Elk ervan heeft natuurlijk een ander doel. Hier verdedigt Paulus zich voor de Romeinse gouverneur Porcius Festus en Herodus Agrippa II van Galilea.

De belangrijke punten omvatten onder meer het volgende:

(1) Zoals in eerdere verdedigingen benadrukt Paulus de voortzetting van zijn verleden in het conservatieve Judaïsme: met onbekeerde Joden deelt hij een ‘hoop’ voor wat God beloofd heeft aan hun vaderen en een uitzien naar de uiteindelijke opstanding (bijv. 24:15; 26:6-7).

(2) Daardoor bewerkt de merkwaardige retorische vraag van Paulus in 26:8 diverse dingen tegelijk. Hij vraagt: ‘Waarom wordt het bij u ongelofelijk geacht, als God doden opwekt?’ De Joden die zich in de rechtszaal bevinden constateren met deze vraag dat Paulus op dit punt instemt met de Farizeïsche richting in de Joodse traditie. Impliciet is het op dit punt een hint dat als ze een theorie hebben voor God die de doden op het einde opwekt, waarom zou het dan zo onmogelijk geacht worden dat God Jezus uit de dood opwekte in afwachting van dat einde?

Voor een man als koning Agrippa, goed vertrouwd met het Joodse geloof, versterkt de vraag terug de theorieën waarmee hij al vertrouwd was. Voor een man als Festus mikte de vraag op het verminderen van het skepticisme van zijn gesofistikeerde heidense achtergrond. Voor mensen met naturalistische visie vandaag blijft dezelfde vraag een uitdaging: verwerpen van de theorie van opstanding komt voort uit een eerder verwerpen van de God van de Bijbel. Gaan we uit van de God van de Bijbel, waarom is de opstandingstheorie dan zo moeilijk aan te nemen?

(3) Paulus richt zich hoofdzakelijk tot koning Agrippa (26:2, 13, 19), dit wil zeggen, tot de heerser die het meest vertrouwd is met het Joodse erfgoed en de Bijbel. Voor zijn part, erkent Festus, is hij al op zee (25:26-27); En voor wat hij begrijpt van de leer van Paulus, beschouwt hij diens beweringen als zodanig bizar dat ze alleen aantonen dat hij gek moet zijn (26:24). Had Paulus zich in meest directe wijze tot Festus gericht, dan had hij misschien gekozen voor een aanpak zoals in Handelingen 17:16-31, de toespraak voor de Areopagus.

(4) Paulus’ directe appèl aan Koning Agrippa (26:25-29) is openlijk evangeliserend en verbazingwekkend direct, terwijl het volkomen respectvol blijft. Paulus’ verdediging is helemaal niet defensief; zijn toespraak leest meer als een evangelisatieoffensief dan het pleidooi van een bange of geïntimideerde gevangene. Maar net zoals zijn ‘verdediging’ niet defensief of afwerend is, zo wordt deze ‘aanval’ nooit beledigend.

(5) Zowel Festus als Agrippa merken dat, wat ze ook over hem mogen denken, Paulus niets gedaan heeft dat de dood of gevangenschap verdient (26:31). Had dit plaatsgevonden voor de gebeurtenissen van 25:1-12, Paulus had vrijgelaten kunnen worden. Maar nu is het zo dat een beroep op Caesar niet ongedaan gemaakt kan worden, en dus wordt Paulus in Gods voorzienigheid naar Rome gebracht.


Eigen vertaling van de overdenking bij 26 januari uit 'For the Love of God - Volume 2'. Dit is een dagboek door D.A. Carson, uitgegeven in 1999 door Crossway Books. Volumes van het dagboek kunnen in het Engels online gevolgd worden via de blog For the Love of God (The Gospel Coalition). For the Love of God volume II is beschikbaar in pdf-formaat voor gratis download via deze link naar For the Love of God Volume II. Met toestemming overgenomen van Crossway, de uitgeverstak van Good News Publishers, Wheaton, IL 60187, www.crossway.org Rechten Nederlandse vertaling: Jan Leplae – Niets van deze vertaling mag overgenomen worden zonder voorafgaandelijke schriftelijke toestemming.

dinsdag 10 april 2012

10 resultaten van de opstanding



Op de Desiring God blog lees je er alles over (ook met afbeelding in betere kwaliteit), met telkens de verwijzing naar het passende schriftgedeelte.



zaterdag 10 maart 2012

Waarom zoekt u de levende onder de doden? (Lk. 24)


Exodus 21, Lukas 24, Job 39, 2 Korinthiërs 9
De eerste twee verzen van het volgende gedicht zijn gedeeltelijk een overdenking van Lukas 24:1-8, 13-25. De laatste twee verzen zijn gebaseerd op andere verslagen van de opstanding (Joh. 20:24-29; Heb. 2:14-15; 1 Kor. 15:50-58). Het kan gezongen worden op de melodie ‘Londonderry Air’ ((later gebruikt voor het lied, JL) ‘Danny Boy’). (Beluister een fragment van het lied 'They Came Alone', tekst: D.A. Carson, muziek: Rob Smith)

(vrije vertaling van de Engelstalige liedtekst: zie onderaan)


They came alone: some women who remembered him,
Bowed down with spices to anoint his corpse.
Through darkened streets, they wept their way to honor him—
The one whose death had shattered all their hopes.

“Why do you look for life among the sepulchers?
He is not here. He’s risen, as he said.
Remember how he told you while in Galilee:
The Son of Man will die—and rise up from the dead.”

The two walked home, a study in defeat and loss,
Explaining to a stranger why the gloom—
How Jesus seemed to be the King before his cross,
How all their hopes lay buried in his tomb.

“How slow you are to see Christ’s glorious pilgrimage
Ran through the cross”—and then he broke the bread.
Their eyes were opened, and they grasped the Scripture’s truth:
The man who taught them had arisen from the dead.

He was a skeptic: not for him that easy faith
That swaps the truth for sentimental sigh.
Unless he saw the nail marks in his hands himself,
And touched his side, he’d not believe the lie.

Then Jesus came, although the doors were shut and locked.
“Repent of doubt, and reach into my side;
Trace out the wounds that nails left in my broken hands.
And understand that I who speak to you once died.”

Long years have passed, and still we face the fear of death,
Which steals our loved ones, leaving us undone,
And still confronts us, beckoning with icy breath,
The final terror when life’s course is run.

But this I know: the Savior passed this way before,
His body clothed in immortality.
The sting’s been drawn: the power of sin has been destroyed.
We sing: Death has been swallowed up in victory.


Ze kwamen alleen: enkele vrouwen die Hem eerden,
Ze bogen neer met specerijen om zijn lichaam te zalven.
Ze trokken wenend door de donkere straten om hem te eren -
Hem, wiens dood al hun dromen aan diggelen sloeg.

‘Waarom zoek je de levende tussen de graven?
Hij is niet hier. Hij is opgestaan, zoals Hij gezegd heeft.
Herinner je hoe Hij gezegd heeft terwijl je in Galilea was:
De Zoon des Mensen zal sterven – en uit de dood opstaan.’

De twee wandelden naar huis, een les in verslagenheid en verlies,
Verklaarden hun somberheid aan een vreemde -
Hoe Jezus de Koning leek voor het kruis,
Hoe al hun hoop nu begraven lag in zijn graf.

‘Hoe traag ben je om te zien dat Christus’ glorieuze reis
Over het kruis liep’ – en toen brak Hij het brood.
Hun ogen werden geopend en ze vatten de waarheid uit de Schrift:
De man die hen had geleerd was uit de dood verrezen.

Hij was een skepticus: niet voor hem dat makkelijke geloof
Dat de waarheid inruilt voor sentimenteel gezucht.
Tenzij hij zelf in de handen de tekenen van de nagels zag,
En zijn zijde zou aanraken, zou hij de leugen niet geloven.

Toen kwam Jezus, hoewel de deuren dicht en op slot.
‘Bekeer je van je twijfel, en voel maar in mijn zijde;
Bespeur de wonden die de nagels lieten in mijn gebroken handen.
En verstaat dat ik die met je spreek eens stierf.’

Vele jaren gingen voorbij, en nog steeds zien we de vrees voor de dood,
Die onze geliefden wegrooft, het laat ons ontsteld achter,
En confronteert ons, smekend met ijzige adem,
Met de finale verschrikking wanneer de levensloop ten einde is.

Maar dit weet ik: de Redder ging al voor op deze weg,
Zijn lichaam bekleed met onsterfelijkheid.
De prikkel van de dood is weggenomen: de macht van de zonde is gebroken.
We zingen: de dood is verzwolgen in de overwinning.


Eigen vertaling van de overdenking bij 10 maart uit 'For the Love of God - Volume 1'. Dit is een dagboek door D.A. Carson, uitgegeven bij IVP in 1998 (rechten liggen bij Crossway). Het dagboek kan in het Engels online gevolgd worden via de blog For the Love of God (The Gospel Coalition) of is beschikbaar in pdf-formaat voor gratis download via deze link naar For the Love of God Volume I. Met toestemming overgenomen van Crossway, de uitgeverstak van Good News Publishers, Wheaton, IL 60187, www.crossway.org

zaterdag 16 april 2011

Tijdsbalk van de Stille Week



Jammer genoeg in het Engels, maar niettemin een interessant overzicht.
Morgen is dus Palmzondag.

Hier vind je het schema in leesbare vorm, met de bijbelverwijzingen erbij (of klik gewoon op de afbeelding hierboven).

Hier staan ook nog meditaties uit 2009 naar aanleiding van de Stille Week - nog steeds actueel.

Hoe jaag je iemand schrik aan die opstond uit de dood?



Christen, je bent gestorven, je bent opgewekt met Christus, je leven is verborgen met Christus in God en je burgerschap is in de hemel. Wat zou een mens je aandoen?
(Kol. 3:3, Kol. 3:1, Fp. 3:20 en Hebr. 13:6)


Je hoort Ravi Zacharias, van wie je meer leest op www.rzim.org
Gezien bij Justin Taylor

maandag 25 oktober 2010

Niets brengt zoveel leven in mensen als een stervende Redder

De beste prediking is “Wij prediken Christus gekruisigd”.

Het beste leven is “Wij zijn gekruisigd met Christus”.
(…)

Hoe meer we leven terwijl we de onuitsprekelijke nood van onze Heer zien en verstaan hoe Hij ten volle onze zonden heeft weggedaan, hoe meer heiligheid we zullen voortbrengen.

Hoe meer we verblijven waar de kreten van Golgotha gehoord kunnen worden, waar we de hemel en de hel kunnen zien, allen bewogen door zijn wonderlijke lijden, hoe nobeler onze levens zullen worden.

Niets brengt zoveel leven in mensen als een stervende Redder.

Kom dicht bij Christus en draag de herinnering van Hem met je mee van dag tot dag en je zult rechtvaardige koninklijke daden stellen.

Kom, laat ons de zonde slaan, want Christus werd geslagen.

Kom, laten we al onze trots begraven, want Christus werd begraven.

Kom, laten we opstaan in nieuwheid van leven, want Christus is opgestaan.

Laten we één zijn met onze gekruisigde Heer in Zijn grote doel – laten we leven en sterven met Hem, en elke daad in ons leven zal zeer mooi zijn.


(Charles Spurgeon in een toespraak op 2 november 1884 - in het Engels gelezen bij Tony Reinke en vrij vertaald)

zaterdag 3 april 2010

Pasen: van het kruis naar de troon







2 keer Stuart Townend en vooral 2 keer Christus. Wat een hoopvolle boodschap. Eerst in Christus' verzoenende sterven, daarna in Zijn glorieuze opstanding.

maandag 29 maart 2010

Meditaties Stille Week

Ik verwijs nog even naar de meditaties in voorbereiding van Pasen die ik vorig jaar online heb gezet. Ze overlopen de gebeurtenissen in het leven van Christus in de laatste week voor zijn lijden en opstanding.
Hier vind je ze terug:
1. Palmzondag

2. maandag

3. dinsdag

4. woensdag

5. Witte Donderdag

6. Goede Vrijdag

7. Stille Zaterdag

8. Paaszondag

9. Slot


En hier heb ik in het verleden gepost rond de vraag "Was het goede woensdag, donderdag of vrijdag?".

maandag 4 januari 2010

Lees online 'Raised with Christ': jij en de opstanding

Adrian Warnock (christen prediker en auteur uit Londen) schreef een boek over hoe de opstanding alles in ons leven verandert: Raised with Christ. Je kunt het boek van 269 pagina's online lezen. Klik gewoon hier voor meer info, of klik meteen door naar de hoofdstukken van het boek.
THIS BOOK IS ABOUT THE resurrection of Jesus and its effects on us today. If, like me, you have wondered why Christians often seem to talk more about the events of Good Friday than Easter Sunday, this book is for you . . .

For Christians all over the world, every Sunday is Resurrection Sunday. We meet each week, among other things, in order to celebrate the glorious, wondrous fact that Jesus rose from the dead. Jesus’ resurrection really did change everything. It changed the cross from a tragedy into a triumph, and it changed the Roman Empire into a Christian state. This was the most powerful divine event in the history of creation, and it ushered in a new age of the Holy Spirit’s activity and power in saving and transforming lives.

When considering if Christianity is true, it all boils down to whether Jesus rose from the dead. The lives of Christians today demonstrate that the resurrection is still changing people. It changes fear into love, despair into joy. The resurrection changes people from being spiritually dead to being alive to God. It changes guilty condemnation into a celebration of forgiveness and freedom. It changes anxiety into a hope that goes beyond the grave. It can change our sinful hearts so they want to follow the Lord Jesus, and the power of the resurrection is relentlessly killing sin in every true Christian. Because we neglect to emphasize this truth, many Christians have a meager expectation of the extent to which we can today experience resurrection life and victory over sin. The resurrection is far from being something we only benefit from in the future!


Meer weten over Warnock? Klik hier.

zondag 1 november 2009

5 vragen i.v.m. opstanding - voor de welwillende scepticus

'Het is dus niet genoeg als de scepticus de christelijke leer over de opstanding afschrijft door te zeggen: "Dat kan gewoon niet gebeurd zijn." Dan moet hij of zij zich confronteren met al deze historische vragen:
- Hoe kon het christendom zo snel en met zoveel kracht opkomen?
- Geen enkele groep messiaanse volgelingen in die tijd kwam tot de conclusie dat hun leider was opgestaan uit de dood. Waarom deed deze groep dat wel?
- Geen enkele Joodse groepering aanbad ooit een mens als God. Wat zorgde ervoor dat zij dat wel deden?
- Joden geloofden niet in goddelijke mensen of in een individuele opstanding. Wat zorgde ervoor dat hun wereldbeschouwing vrijwel van de ene op de andere dag veranderde?
- Hoe verklaar je de honderden ooggetuigen van de opstanding die nog tientallen jaren hebben geleefd en hun getuigenis publiekelijk volhielden, totdat zij hun leven moesten geven voor hun geloof?'

(Uit: 'In alle redelijkheid - Christelijk geloof voor welwillende sceptici', door Tim Keller, uitg. Van Wijnen, pag. 219)