Posts tonen met het label Filippiërs. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Filippiërs. Alle posts tonen

zaterdag 6 februari 2016

Christus: het zaad van de vrouw, van Abraham en van David

Pas aan het kruis komen alle eindjes van Gods belofte bij elkaar...

- Aan het kruis wordt de belofte vervuld van het Zaad van de vrouw die de kop van de slang zou vermorzelen
Wie de zonde doet, is uit de duivel; want de duivel zondigt vanaf het begin. Hiertoe is de Zoon van God geopenbaard, dat Hij de werken van de duivel verbreken zou.
1 Joh. 3:8

- Aan het kruis wordt de belofte vervuld dat zegen tot alle volken zou komen door het Zaad van Abraham
Christus heeft ons vrijgekocht van de vloek van de wet door voor ons een vloek te worden, want er staat geschreven: Vervloekt is ieder die aan een hout hangt, opdat de zegen van Abraham in Christus Jezus tot de heidenen zou komen, en opdat wij de belofte van de Geest zouden ontvangen door het geloof.
Gal. 3:13-14

- Aan het kruis wordt de belofte vervuld om in een eeuwige Koning te voorzien uit het Zaad van David
En in gedaante als een mens bevonden, heeft Hij Zichzelf vernederd en is gehoorzaam geworden, tot de dood, ja, tot de kruisdood. Daarom heeft God Hem ook bovenmate verhoogd en heeft Hem een Naam geschonken boven alle naam, opdat in de Naam van Jezus zich zou buigen elke knie van hen die in de hemel, en die op de aarde, en die onder de aarde zijn, en elke tong zou belijden dat Jezus Christus de Heere is, tot heerlijkheid van God de Vader.
Fp. 2:8-11



(Bron: Reformation Theology - The Story of the Bible (Part 3))

zondag 29 maart 2015

Volg iemand die Christus navolgt (Fp. 3)


Exodus 40; Johannes 19; Spreuken 16; Filippenzen 3

In zijn brieven vertelt Paulus zijn lezers vaak, impliciet of expliciet, dat ze niet alleen moeten begrijpen en volgen wat hij leert, maar ook dat ze hem moeten imiteren. Nergens is dit thema sterker dan in Filippenzen 3, waar het in 3:17 een climax bereikt: ‘Weest allen mijn navolgers, broeders, en ziet op hen, die evenzo wandelen, gelijk gij ons tot voorbeeld hebt’.

Niet alleen instrueert Paulus de gelovigen om hem te imiteren; hij heeft ook een kader van leiders opgebouwd die de levenswijze illustreren die hij onderwezen heeft, zodat ze voor anderen kunnen dienen als na te volgen voorbeelden.

Een paar overwegingen:

(1) Het is bijna zeker een van de redenen van Paulus om zoveel details te geven over Timotheüs en Epafroditus (2:19-30) dat ze zouden kunnen dienen als te bewonderen en na te streven voorbeelden.

Paulus zegt over Timotheüs: ‘Want ik heb niemand die zó eens geestes (met u) is, om uw belangen getrouw te behartigen; want allen zoeken zij hun eigen belang, niet de zaak van Christus Jezus’ (2:20-21). Hij verwacht dat de meer godvrezenden onder zijn lezers instinctief zullen reageren en zich zullen voornemen te worden als Timotheüs.

Paulus is zelfs nog meer expliciet met betrekking tot Epafroditus. Nadat hij de christelijke moed van de man heeft gespecificeerd, voegt Paulus eraan toe, ‘Ontvangt hem dan in de Here met alle blijdschap en houdt mannen zoals hij in ere (2:29) – niet alleen ‘hem’, maar ‘mannen zoals hij’, want Paulus onderwijst levenswijzen die bewonderd en geïmiteerd moeten worden.

(2) Paulus’ suggestie dat de Filippenzen Timotheüs en Epafroditus zouden imiteren, en zijn opdracht dat ze zijn eigen voorbeeld en levenswijze zouden navolgen die hij regelmatig had onderwezen (3:17), wordt deels aangereikt als een tegengif voor de alternatieve voorbeelden die ons omringen.

De veronderstelling is dat we onvermijdelijk iemand imiteren. Er zijn altijd genoeg slechte voorbeelden in voorraad. Paulus waarschuwt tegen ‘de honden’ (3:2) die probeerden om naleving van de Joodse verbondsgedachte op te leggen. Ongetwijfeld schenen ze geweldig vroom. De apostel waarschuwt tegelijk tegen de ‘vijanden van het kruis van Christus’ (3:18), die, te oordelen naar de context, bijna zeker belijdende christenen zijn die niet echt vatten waar het evangelie over gaat en die niet echt leven met de blik op de waarden van de eeuwigheid.

Ook zij moeten een bepaalde geloofwaardigheid genoten hebben, of Paulus zou niet tegen ze gewaarschuwd hebben. Christenen moeten intentioneel zijn in het kiezen wie ze zouden imiteren, of anders drijven ze misschien richting slechte voorbeelden.

(3) Paulus’ sterke vermaning dat de Filippenzen zijn voorbeeld moeten volgen is vrij van eigendunk en religieus gepraat door zijn beslistheid dat hij er zelf nog niet is, maar nog steeds op pelgrimstocht is (3:7-16).

Dus volg iemand die Christus navolgt; volg een pelgrim die aandringt dat je zou leven naar wat je al bereikt hebt, en dan zou jagen naar meer.


Eigen vertaling van de overdenking bij 29 maart uit 'For the Love of God - Volume 2'. Dit is een dagboek door D.A. Carson, uitgegeven in 1999 door Crossway Books. Volumes van het dagboek kunnen in het Engels online gevolgd worden via de blog For the Love of God (The Gospel Coalition). For the Love of God volume II is beschikbaar in pdf-formaat voor gratis download via deze link naar For the Love of God Volume II. Met toestemming overgenomen van Crossway, de uitgeverstak van Good News Publishers, Wheaton, IL 60187, www.crossway.org Rechten Nederlandse vertaling: Jan Leplae – Niets van deze vertaling mag overgenomen worden zonder voorafgaandelijke schriftelijke toestemming.

zaterdag 28 maart 2015

Hij heeft zichzelf ontledigd en de gestalte van een dienstknecht aangenomen (Fp. 2)

Exodus 39; Johannes 18; Spreuken 15; Filippenzen 2

Slechts weinig passages bevatten zoveel theologie en ethiek als Filippenzen 2. We kunnen maar op enkele van zijn mooie thema’s ingaan:

(1) Uitleggers hebben 2:5-11 op allerhande creatieve manieren vertaald. In grote lijnen heeft de NBG-vertaling (zoals de Engelstalige NIV waar D. A. Carson naar verwijst, JL) het bij het rechte eind. Van Christus Jezus wordt ons verteld dat Hij ‘in de gestalte Gods zijnde, het Gode gelijk zijn niet als een roof heeft geacht, maar Zichzelf ontledigd heeft, en de gestalte van een dienstknecht heeft aangenomen, en aan de mensen gelijk geworden is’ (2:6-7). Dit is allemaal heel mooi, een heerlijke beschrijving van de incarnatie die de weg baant naar het kruis. Ik zou de vertaling in de eerste zin van vers 6 anders verwoorden: ‘in zijn natuur zelf God zijnde’. Op vlak van onbewerkt literalisme is dit een perfect aanvaardbare vertaling. Maar het Grieks gebruikt veel vaker deelwoorden dan het Engels en het Nederlands dat doen, en Griekse bijwoordelijke deelwoorden, zoals het woord ‘zijnde’ in deze zin, hebben diverse logische verbanden met hun context, verbanden die moeten bepaald worden door de context.

Waarschijnlijk dat de meeste Nederlandstalige lezers in hun gedachten dit gedeelte herverwoorden als ‘hoewel Hij in zijn ware aard God was …’. Dit is zeker betekenisvol en kan zelfs correct zijn. Maar er zijn goede contextuele redenen om te denken dat het deelwoord causaal is: ‘omdat Hij in zijn ware aard God was’.
Met andere woorden, omdat Hij in aard God was, beschouwde Hij het aan God gelijk zijn niet als iets dat zou geroofd moeten worden, maar Hij maakte zichzelf tot niets, een nobody: het was goddelijk om dit soort ontlediging te tonen, dit soort genade.

(2) ‘Laat die gezindheid bij u zijn, welke ook in Christus Jezus was’ (2:5), die zijn rechten niet beschouwde als iets dat Hij moest roven, maar die zichzelf vernederde en een dood van weerzinwekkende schande stierf zodat wij gered konden worden – en Hij werd uiteindelijk gerechtvaardigd (2:6-11). De vermaning van 2:5 ondersteunt zo de opeenvolging van vermaningen in 2:1-4. Denk erover na hoe dit zo is.

(3) De verzen die volgen op het ‘christelijk lied’ (zoals het vaak genoemd wordt) van 2:6-11 benadrukken volharding. De ‘daarom’ van aan het begin van vers 12 brengt het verband tot stand. Christus maakte zichzelf tot niets en stierf een smadelijke dood, maar werd uiteindelijk glorieus gerechtvaardigd, en daarom zouden we op lange termijn moeten kijken en onze behoudenis ‘bewerken’ ‘met vreze en beven’ (2:12).
Natuurlijk is de stimulans des te groter wanneer we in gedachten houden dat het God is, ‘die om zijn welbehagen zowel het willen als het werken in u werkt’ (2:13).

We verwerpen volkomen passiviteit, zogenaamd ‘loslaten en God laten’ (‘letting go and letting God’); veeleer werken we onze behoudenis uit. Maar tegelijkertijd erkennen we met vreugde dat zowel ons willen als ons werken bewijs zijn van Gods werk in ons. En Hij zal ons rechtvaardigen.


Eigen vertaling van de overdenking bij 28 maart uit 'For the Love of God - Volume 2'. Dit is een dagboek door D.A. Carson, uitgegeven in 1999 door Crossway Books. Volumes van het dagboek kunnen in het Engels online gevolgd worden via de blog For the Love of God (The Gospel Coalition). For the Love of God volume II is beschikbaar in pdf-formaat voor gratis download via deze link naar For the Love of God Volume II. Met toestemming overgenomen van Crossway, de uitgeverstak van Good News Publishers, Wheaton, IL 60187, www.crossway.org Rechten Nederlandse vertaling: Jan Leplae – Niets van deze vertaling mag overgenomen worden zonder voorafgaandelijke schriftelijke toestemming.

vrijdag 27 maart 2015

Gedraagt u waardig het evangelie van Christus (Fp. 1)


Exodus 38; Johannes 17; Spreuken 14; Filippenzen 1

Wat betekent de uitdrukking ‘gedraagt u waardig het evangelie van Christus’ (Fp. 1:27)? De uitdrukking is treffend. Ze is ook bijwoordelijk – d.w.z., ze beschrijft de manier waarop we ons gedragen, niet ons. Paulus zegt niet dat wijzelf het evangelie van Christus waardig zijn, want dat zou een contradictio in terminis zijn: het evangelie is per definitie geen goed nieuws voor mensen die het niet waardig zijn. Maar eenmaal we het evangelie hebben aangenomen, hoezeer onwaardig we ook mogen zijn, moeten we ons gedragen op een manier die het evangelie waardig is.

De manier waarop christenen dit moeten doen (Filippenzen 1:27-30) is door samen vast te staan (‘in een geest’, 1:27), ‘één van ziel medestrijdende voor het geloof aan het evangelie, zonder dat gij u in enig opzicht door de tegenstanders laat beangstigen’ (1:27-28).

Mensen die hun voordeel gedaan hebben met het evangelie gedragen zich zeker niet op een manier die het evangelie waardig is wanneer ze er zich voor schamen (Rom. 1:16). In een tijd waarin de omringende cultuur christenen ridiculiseert of zelfs vervolgt vergt het natuurlijk moed om samen vast te staan in dapper en duidelijk getuigenis over de kracht van het evangelie.

Maar ook daar komt nog een ander element kijken van wat het betekent je waardig het evangelie te gedragen. ‘Want aan u is de genade verleend, voor Christus, niet alleen in Hem te geloven, maar ook voor Hem te lijden’ (1:29). Wat een merkwaardige opmerking! Paulus zegt niet dat deze christenen geroepen zijn om zowel te lijden als te geloven, maar dat het hen geschónken is zowel te lijden als te geloven – alsof zowel lijden voor Christus als geloven in Christus gezegende voorrechten zijn die genadig geschonken werden. Dat is, natuurlijk, precies wat hij bedoelt.

We denken vaak aan geloof als een genadegeschenk van God (Ef. 2:8-9), maar lijden? Toch is dit wat Paulus zegt. Denken we erover na, dan zien we gemakkelijk waarom. Het evangelie van Jezus Christus is dat Jezus naar Gods goede plannen voor ons leed, waarbij hij onze schuld en schande droeg en verzoening bewerkte voor onze zonde. Het zou dan zeker geen verrassing mogen zijn dat gedrag dat dergelijk evangelie waardig is, ook lijden voor Jezus omvat.

In feite is dit thema deel van wat deze paragraaf tot een overgangsparagraaf maakt.

Aan de ene kant blikt de paragraaf terug naar het voorbeeld van de apostel Paulus (1:12-26).Hij eindigt de paragraaf door te verwijzen naar zijn eigen ‘strijd’ (1:30), waarover de lezers uit Filippi net gelezen hebben – een ‘strijd’ die zo hevig was dat hij niet zeker wist of hij die zou overleven.

En aan de andere kant is het hoofdstuk dat nog volgt een van de meest krachtige Nieuwtestamentische beschrijvingen van Jezus’ vernedering en dood. We moeten ons op een manier gedragen die dergelijk goed nieuws waardig is.


Eigen vertaling van de overdenking bij 27 maart uit 'For the Love of God - Volume 2'. Dit is een dagboek door D.A. Carson, uitgegeven in 1999 door Crossway Books. Volumes van het dagboek kunnen in het Engels online gevolgd worden via de blog For the Love of God (The Gospel Coalition). For the Love of God volume II is beschikbaar in pdf-formaat voor gratis download via deze link naar For the Love of God Volume II. Met toestemming overgenomen van Crossway, de uitgeverstak van Good News Publishers, Wheaton, IL 60187, www.crossway.org Rechten Nederlandse vertaling: Jan Leplae – Niets van deze vertaling mag overgenomen worden zonder voorafgaandelijke schriftelijke toestemming.

vrijdag 10 oktober 2014

De bezorgdheid verdrijft het gebed - of het gebed verdrijft de bezorgdheid (Fp. 4)

1 Koningen 13; Filippenzen 4; Ezechiël 43; Psalmen 95-96

Wat praktisch advies voor christenen (Fp. 4:4-9):

(1) Verblijd je altijd in de Heer (4:4). Dit bevel is dermate belangrijk dat Paulus het herhaalt. Onze verantwoordelijkheid om het te gehoorzamen is onafhankelijk van onze omstandigheden, want ongeacht hoe volkomen ellendig de situatie ook is, de christen heeft nog altijd de meest gegronde redenen om zich te verblijden in Christus Jezus: zonden vergeven en het vooruitzicht van opstandingsleven in de nieuwe hemel en de nieuwe aarde – om nog niet te spreken van de vertroosting door de Geest die er zelfs nu al is, en veel meer. In praktische zin weet Paulus goed dat de gelovige die zich waarlijk verblijdt in de Heer onmogelijk een lasteraar, bedrieger, mopperaar of een dief kan zijn, of lui, bitter en vervuld met haat.

(2) Uw vriendelijkheid zij alle mensen bekend (4:5). Dat is bijna een heerlijk oxymoron [een tegenstrijdigheid]. Er is zoveel in onze cultuur dat wil bekend staan om zijn agressiviteit, of voor een bepaalde intrinsieke sterkte of superioriteit. De vriendelijke persoon denkt meestal niet in termen van bekend staan.

Maar Paulus wil dat we ons zo toeleggen op vriendelijkheid dat we uiteindelijk bekend staan voor vriendelijkheid. De reden die Paulus aanhaalt is dat de Heer ‘nabij’ is. In die context bedoelt Paulus waarschijnlijk niet dat de komst van de Heer nabij is, maar dat de Heer zelf nooit ver weg is van zijn mensen: hij is nabij en slaat ons gade, aangezien Hij de hele tijd over ons waakt. Dit wordt onze motivatie om te handelen zoals Hij wil dat we handelen.

(3) Wees in geen ding bezorgd (4:6-7). Paulus breekt geen lans voor onverantwoord escapisme, en nog minder voor een soort dwaas optimisme (zoals het hoofdpersonage Pollyanna uit de kinderboeken [van Eleanor H. Porter]). Bovendien draagt hij ons strikt gesproken niet op om op te houden met bezorgd zijn en klaar, maar vertelt hij ons eerder hóe we moeten ophouden met bezorgd zijn – door dit aanhoudende piekeren te vervangen door iets anders: ‘laten bij alles uw wensen door gebed en smeking met dankzegging bekend worden bij God’ (4:6).

Paulus ontkent de angst en zorgen van de menselijke ervaringen niet. Hoe zou hij dat ook kunnen? Zijn brieven tonen dat hij ook zijn deel van het ergste lijden kreeg. Maar hij kent de oplossing. Ofwel zal bezorgdheid het gebed verdrijven, of gebed zal de bezorgdheid verdrijven. Bovendien, zo benadrukt Paulus, brengt die gedisciplineerde, dankbare voorbede ‘de vrede Gods, die alle verstand te boven gaat’ met zich mee (4:7).

(4) Bedenk heilige gedachten (4:8-9). Stop ergens afval in en er komt afval uit [Eng.: ‘garbage in, garbage out’]. We worden hervormd door de vernieuwing van ons denken (Rom. 12:1-2). Dus zie er op toe welk voedsel je geeft aan je gedachten; let op wat je denkt; wees vastbesloten jouw denken in de richting van goede en gezonde kanalen te sturen, niet de kanalen die worden gekenmerkt door bitterheid, wrok, begeerte, haat of jaloezie. Denk na over alle soorten dingen die Paulus opneemt in zijn gevarieerde lijst in vers 8. Bovendien dient Paulus hier ook als een belangrijk voorbeeld (4:9): hij draagt ons geen dingen op die hij niet zelf in de praktijk brengt.


Eigen vertaling van de overdenking bij 10 oktober uit 'For the Love of God - Volume 1'. Dit is een dagboek door D.A. Carson, uitgegeven in 1998 door Crossway Books. Volumes van het dagboek kunnen in het Engels online gevolgd worden via de blog For the Love of God (The Gospel Coalition). For the Love of God volume I is beschikbaar in pdf-formaat voor gratis download via deze link naar For the Love of God Volume I. Met toestemming overgenomen van Crossway, de uitgeverstak van Good News Publishers, Wheaton, IL 60187, www.crossway.org Rechten Nederlandse vertaling: Jan Leplae – Niets van deze vertaling mag overgenomen worden zonder voorafgaandelijke schriftelijke toestemming.

vrijdag 29 maart 2013

Volg iemand na die Christus navolgt (Fp. 3)


Exodus 40; Johannes 19; Spreuken 16; Filippenzen 3

In zijn brieven vertelt Paulus zijn lezers vaak, impliciet of expliciet, dat ze niet alleen moeten begrijpen en volgen wat hij leert, maar ook dat ze hem moeten imiteren. Nergens is dit thema sterker dan in Filippenzen 3, waar het in 3:17 een climax bereikt: ‘Weest allen mijn navolgers, broeders, en ziet op hen, die evenzo wandelen, gelijk gij ons tot voorbeeld hebt’.

Niet alleen instrueert Paulus de gelovigen om hem te imiteren; hij heeft ook een kader van leiders opgebouwd die de levenswijze illustreren die hij onderwezen heeft, zodat ze voor anderen kunnen dienen als na te volgen voorbeelden.

Een paar overwegingen:

(1) Het is bijna zeker een van de redenen van Paulus om zoveel details te geven over Timotheüs en Epafroditus (2:19-30) dat ze zouden kunnen dienen als te bewonderen en na te streven voorbeelden.

Paulus zegt over Timotheüs: ‘Want ik heb niemand die zó eens geestes (met u) is, om uw belangen getrouw te behartigen; want allen zoeken zij hun eigen belang, niet de zaak van Christus Jezus’ (2:20-21). Hij verwacht dat de meer godvrezenden onder zijn lezers instinctief zullen reageren en zich zullen voornemen te worden als Timotheüs.

Paulus is zelfs nog meer expliciet met betrekking tot Epafroditus. Nadat hij de christelijke moed van de man heeft gespecificeerd, voegt Paulus eraan toe, ‘Ontvangt hem dan in de Here met alle blijdschap en houdt mannen zoals hij in ere (2:29) – niet alleen ‘hem’, maar ‘mannen zoals hij’, want Paulus onderwijst levenswijzen die bewonderd en geïmiteerd moeten worden.

(2) Paulus’ suggestie dat de Filippenzen Timotheüs en Epafroditus zouden imiteren, en zijn opdracht dat ze zijn eigen voorbeeld en levenswijze zouden navolgen die hij regelmatig had onderwezen (3:17), wordt deels aangereikt als een tegengif voor de alternatieve voorbeelden die ons omringen.

De veronderstelling is dat we onvermijdelijk iemand imiteren. Er zijn altijd genoeg slechte voorbeelden in voorraad. Paulus waarschuwt tegen ‘de honden’ (3:2) die probeerden om naleving van de Joodse verbondsgedachte op te leggen. Ongetwijfeld schenen ze geweldig vroom. De apostel waarschuwt tegelijk tegen de ‘vijanden van het kruis van Christus’ (3:18), die, te oordelen naar de context, bijna zeker belijdende christenen zijn die niet echt vatten waar het evangelie over gaat en die niet echt leven met de blik op de waarden van de eeuwigheid.

Ook zij moeten een bepaalde geloofwaardigheid genoten hebben, of Paulus zou niet tegen ze gewaarschuwd hebben. Christenen moeten intentioneel zijn in het kiezen wie ze zouden imiteren, of anders drijven ze misschien richting slechte voorbeelden.

(3) Paulus’ sterke vermaning dat de Filippenzen zijn voorbeeld moeten volgen is vrij van eigendunk en religieus gepraat door zijn beslistheid dat hij er zelf nog niet is, maar nog steeds op pelgrimstocht is (3:7-16).

Dus volg iemand die Christus navolgt; volg een pelgrim die aandringt dat je zou leven naar wat je al bereikt hebt, en dan zou jagen naar meer.


Eigen vertaling van de overdenking bij 29 maart uit 'For the Love of God - Volume 2'. Dit is een dagboek door D.A. Carson, uitgegeven in 1999 door Crossway Books. Volumes van het dagboek kunnen in het Engels online gevolgd worden via de blog For the Love of God (The Gospel Coalition). For the Love of God volume II is beschikbaar in pdf-formaat voor gratis download via deze link naar For the Love of God Volume II. Met toestemming overgenomen van Crossway, de uitgeverstak van Good News Publishers, Wheaton, IL 60187, www.crossway.org Rechten Nederlandse vertaling: Jan Leplae – Niets van deze vertaling mag overgenomen worden zonder voorafgaandelijke schriftelijke toestemming.

donderdag 28 maart 2013

Hij heeft zichzelf ontledigd en de gestalte van een dienstknecht aangenomen (Fp. 2)


Exodus 39; Johannes 18; Spreuken 15; Filippenzen 2
Slechts weinig passages bevatten zoveel theologie en ethiek als Filippenzen 2. We kunnen maar op enkele van zijn mooie thema’s ingaan:

(1) Uitleggers hebben 2:5-11 op allerhande creatieve manieren vertaald. In grote lijnen heeft de NBG-vertaling (zoals de Engelstalige NIV waar D. A. Carson naar verwijst, JL) het bij het rechte eind. Van Christus Jezus wordt ons verteld dat Hij ‘in de gestalte Gods zijnde, het Gode gelijk zijn niet als een roof heeft geacht, maar Zichzelf ontledigd heeft, en de gestalte van een dienstknecht heeft aangenomen, en aan de mensen gelijk geworden is’ (2:6-7). Dit is allemaal heel mooi, een heerlijke beschrijving van de incarnatie die de weg baant naar het kruis.

Ik zou de vertaling in de eerste zin van vers 6 anders verwoorden: ‘in zijn natuur zelf God zijnde’. Op vlak van onbewerkt literalisme is dit een perfect aanvaardbare vertaling. Maar het Grieks gebruikt veel vaker deelwoorden dan het Engels en het Nederlands dat doen, en Griekse bijwoordelijke deelwoorden, zoals het woord ‘zijnde’ in deze zin, hebben diverse logische verbanden met hun context, verbanden die moeten bepaald worden door de context.

Waarschijnlijk dat de meeste Nederlandstalige lezers in hun gedachten dit gedeelte herverwoorden als ‘hoewel Hij in zijn ware aard God was …’. Dit is zeker betekenisvol en kan zelfs correct zijn. Maar er zijn goede contextuele redenen om te denken dat het deelwoord causaal is: ‘omdat Hij in zijn ware aard God was’.

Met andere woorden, omdat Hij in aard God was, beschouwde Hij het aan God gelijk zijn niet als iets dat zou geroofd moeten worden, maar Hij maakte zichzelf tot niets, een nobody: het was goddelijk om dit soort ontlediging te tonen, dit soort genade.

(2) ‘Laat die gezindheid bij u zijn, welke ook in Christus Jezus was’ (2:5), die zijn rechten niet beschouwde als iets dat Hij moest roven, maar die zichzelf vernederde en een dood van weerzinwekkende schande stierf zodat wij gered konden worden – en Hij werd uiteindelijk gerechtvaardigd (2:6-11). De vermaning van 2:5 ondersteunt zo de opeenvolging van vermaningen in 2:1-4. Denk erover na hoe dit zo is.

(3) De verzen die volgen op het ‘christelijk lied’ (zoals het vaak genoemd wordt) van 2:6-11 benadrukken volharding. De ‘daarom’ van aan het begin van vers 12 brengt het verband tot stand. Christus maakte zichzelf tot niets en stierf een smadelijke dood, maar werd uiteindelijk glorieus gerechtvaardigd, en daarom zouden we op lange termijn moeten kijken en onze behoudenis ‘bewerken’ ‘met vreze en beven’ (2:12).

Natuurlijk is de stimulans des te groter wanneer we in gedachten houden dat het God is, ‘die om zijn welbehagen zowel het willen als het werken in u werkt’ (2:13).

We verwerpen volkomen passiviteit, zogenaamd ‘loslaten en God laten’ (‘letting go and letting God’); veeleer werken we onze behoudenis uit. Maar tegelijkertijd erkennen we met vreugde dat zowel ons willen als ons werken bewijs zijn van Gods werk in ons. En Hij zal ons rechtvaardigen.


Eigen vertaling van de overdenking bij 28 maart uit 'For the Love of God - Volume 2'. Dit is een dagboek door D.A. Carson, uitgegeven in 1999 door Crossway Books. Volumes van het dagboek kunnen in het Engels online gevolgd worden via de blog For the Love of God (The Gospel Coalition). For the Love of God volume II is beschikbaar in pdf-formaat voor gratis download via deze link naar For the Love of God Volume II. Met toestemming overgenomen van Crossway, de uitgeverstak van Good News Publishers, Wheaton, IL 60187, www.crossway.org Rechten Nederlandse vertaling: Jan Leplae – Niets van deze vertaling mag overgenomen worden zonder voorafgaandelijke schriftelijke toestemming.

woensdag 27 maart 2013

Gedraagt u waardig het evangelie van Christus (Fp. 1)


Exodus 38; Johannes 17; Spreuken 14; Filippenzen 1
Wat betekent de uitdrukking ‘gedraagt u waardig het evangelie van Christus’ (Fp. 1:27)? De uitdrukking is treffend. Ze is ook bijwoordelijk – d.w.z., ze beschrijft de manier waarop we ons gedragen, niet ons. Paulus zegt niet dat wijzelf het evangelie van Christus waardig zijn, want dat zou een contradictio in terminis zijn: het evangelie is per definitie geen goed nieuws voor mensen die het niet waardig zijn. Maar eenmaal we het evangelie hebben aangenomen, hoezeer onwaardig we ook mogen zijn, moeten we ons gedragen op een manier die het evangelie waardig is.

De manier waarop christenen dit moeten doen (Filippenzen 1:27-30) is door samen vast te staan (‘in een geest’, 1:27), ‘één van ziel medestrijdende voor het geloof aan het evangelie, zonder dat gij u in enig opzicht door de tegenstanders laat beangstigen’ (1:27-28).

Mensen die hun voordeel gedaan hebben met het evangelie gedragen zich zeker niet op een manier die het evangelie waardig is wanneer ze er zich voor schamen (Rom. 1:16). In een tijd waarin de omringende cultuur christenen ridiculiseert of zelfs vervolgt vergt het natuurlijk moed om samen vast te staan in dapper en duidelijk getuigenis over de kracht van het evangelie.

Maar ook daar komt nog een ander element kijken van wat het betekent je waardig het evangelie te gedragen. ‘Want aan u is de genade verleend, voor Christus, niet alleen in Hem te geloven, maar ook voor Hem te lijden’ (1:29). Wat een merkwaardige opmerking! Paulus zegt niet dat deze christenen geroepen zijn om zowel te lijden als te geloven, maar dat het hen geschónken is zowel te lijden als te geloven – alsof zowel lijden voor Christus als geloven in Christus gezegende voorrechten zijn die genadig geschonken werden. Dat is, natuurlijk, precies wat hij bedoelt.

We denken vaak aan geloof als een genadegeschenk van God (Ef. 2:8-9), maar lijden? Toch is dit wat Paulus zegt. Denken we erover na, dan zien we gemakkelijk waarom. Het evangelie van Jezus Christus is dat Jezus naar Gods goede plannen voor ons leed, waarbij hij onze schuld en schande droeg en verzoening bewerkte voor onze zonde. Het zou dan zeker geen verrassing mogen zijn dat gedrag dat dergelijk evangelie waardig is, ook lijden voor Jezus omvat.

In feite is dit thema deel van wat deze paragraaf tot een overgangsparagraaf maakt.

Aan de ene kant blikt de paragraaf terug naar het voorbeeld van de apostel Paulus (1:12-26).Hij eindigt de paragraaf door te verwijzen naar zijn eigen ‘strijd’ (1:30), waarover de lezers uit Filippi net gelezen hebben – een ‘strijd’ die zo hevig was dat hij niet zeker wist of hij die zou overleven.

En aan de andere kant is het hoofdstuk dat nog volgt een van de meest krachtige Nieuwtestamentische beschrijvingen van Jezus’ vernedering en dood. We moeten ons op een manier gedragen die dergelijk goed nieuws waardig is.


Eigen vertaling van de overdenking bij 27 maart uit 'For the Love of God - Volume 2'. Dit is een dagboek door D.A. Carson, uitgegeven in 1999 door Crossway Books. Volumes van het dagboek kunnen in het Engels online gevolgd worden via de blog For the Love of God (The Gospel Coalition). For the Love of God volume II is beschikbaar in pdf-formaat voor gratis download via deze link naar For the Love of God Volume II. Met toestemming overgenomen van Crossway, de uitgeverstak van Good News Publishers, Wheaton, IL 60187, www.crossway.org Rechten Nederlandse vertaling: Jan Leplae – Niets van deze vertaling mag overgenomen worden zonder voorafgaandelijke schriftelijke toestemming.

woensdag 10 oktober 2012

De bezorgdheid verdrijft het gebed - of het gebed verdrijft de bezorgdheid (Fp. 4)



1 Koningen 13, Filippenzen 4, Ezechiël 43, Psalmen 95-96
Een beetje praktisch advies voor christenen (Fp. 4:4-9):

(1) Verblijd je altijd in de Heer (4:4). Dit bevel is zodanig belangrijk dat Paulus het herhaalt. Onze verantwoordelijkheid om het te gehoorzamen is onafhankelijk van onze omstandigheden, want ongeacht hoe volkomen ellendig de situatie ook is, heeft de christen nog altijd de meest gegronde redenen om zich te verblijden in Christus Jezus: zonden vergeven en het vooruitzicht van opstandingsleven in de nieuwe hemel en de nieuwe aarde – om nog niet te spreken van de vertroosting door de Geest die er zelfs nu al is, en veel meer. In praktische zin weet Paulus goed dat de gelovige die zich waarlijk verblijdt in de Heer onmogelijk een lasteraar, bedrieger, mopperaar, een dief, of lui, bitter en vervuld met haat kan zijn.

(2) Uw vriendelijkheid zij alle mensen bekend (4:5). Dat is bijna een heerlijk oxymoron, een tegenstrijdigheid. Er is zoveel in onze cultuur dat wil bekend staan om zijn agressiviteit, of voor een bepaalde intrinsieke sterkte of superioriteit. De vriendelijke persoon denkt meestal niet in termen van bekend staan. Maar Paulus wil dat we ons zo toeleggen op vriendelijkheid dat we uiteindelijk bekend staan voor vriendelijkheid.

De reden die Paulus aanhaalt is dat de Heer ‘nabij’ is. In die context bedoelt Paulus waarschijnlijk niet dat de komst van de Heer nabij is, maar dat de Heer zelf nooit ver weg is van zijn mensen: hij is nabij en ziet en beschermt ons, aangezien hij altijd over ons waakt. Dit wordt onze motivatie om ons te gedragen zoals Hij dat wil.

(3) Wees in geen ding bezorgd (4:6-7). Paulus breekt geen lans voor onverantwoord escapisme, en nog minder voor een soort dwaas optimisme (zoals het hoofdpersonage Pollyanna uit de kinderboeken van Eleanor H. Porter). Bovendien draagt hij ons strikt gesproken niet op om niet meer bezorgd te zijn en punt uit, maar vertelt hij ons eerder hóe we moeten ophouden met bezorgd zijn – door dit aanhoudende piekeren te vervangen door iets anders: ‘laten bij alles uw wensen door gebed en smeking met dankzegging bekend worden bij God’ (4:6).

Paulus ontkent de angst en zorgen van de menselijke ervaringen niet. Hoe zou hij dat ook kunnen? Zijn brieven tonen dat hij ook zijn deel van het ergste lijden kreeg. Maar hij toont de oplossing. Ofwel zal bezorgdheid het gebed verdrijven, of gebed zal de bezorgdheid verdrijven. Bovendien, zo benadrukt Paulus, brengt die gedisciplineerde, dankbare voorbede ‘de vrede Gods, die alle verstand te boven gaat’ met zich mee (4:7).

(4) Bedenk heilige gedachten (4:8-9). Stop ergens afval in en er komt afval uit (‘garbage in, garbage out’). We worden hervormd door de vernieuwing van ons denken (Rom. 12:1-2). Dus zie er op toe welk voedsel je geeft aan je gedachten; let op wat je denkt; wees vastbesloten jouw denken in de richting van goede en gezonde kanalen te sturen, niet de kanalen die gekenmerkt worden door bitterheid, wrok, begeerte, haat of jaloezie. Bedenk alle soorten dingen die Paulus opneemt in zijn gevarieerde lijst in vers 8. Bovendien dient Paulus hier ook als een belangrijk voorbeeld (4:9): hij draagt ons geen dingen op die hij zelf niet in de praktijk brengt.


Eigen vertaling van de overdenking bij 10 oktober uit 'For the Love of God - Volume 1'. Dit is een dagboek door D.A. Carson, uitgegeven bij IVP in 1998 (rechten liggen bij Crossway). Het dagboek kan in het Engels online gevolgd worden via de blog For the Love of God (The Gospel Coalition) of is beschikbaar in pdf-formaat voor gratis download via deze link naar For the Love of God Volume I. Met toestemming overgenomen van Crossway, de uitgeverstak van Good News Publishers, Wheaton, IL 60187, www.crossway.org Rechten Nederlandse vertaling: Jan Leplae – Niets van deze vertaling mag overgenomen worden zonder voorafgaandelijke schriftelijke toestemming.

donderdag 17 maart 2011

Bedroefd maar altijd blij

"ik heb een grote smart en een voortdurend hartzeer."
(De apostel Paulus in zijn brief aan de Romeinen - 9:1)

"Verblijdt u in de Here te allen tijde! Wederom zal ik zeggen: Verblijdt u!"
(De apostel Paulus in zijn brief aan de Filippiërs - 4:4)

"[Wij zijn] als bedroefd, maar altijd blijde"
(De apostel Paulus in zijn tweede brief aan de Korintiërs - 6:10)


Gelezen bij Justin Taylor

zaterdag 20 maart 2010

Christenen zijn als nagels

"Christus is een lijdende Verlosser en als we Hem willen volgen of op Hem willen lijken, dan moeten we lijden zoals Hij. Paulus omschrijft dit als een verlangen als hij ergens anders opmerkt:
'Ik wil Christus kennen en de kracht van zijn opstanding ervaren, ik wil delen in zijn lijden en aan Hem gelijk worden in zijn dood' (Fil. 3:10)

Peter O'Brien zet uiteen dat Paulus hier zegt dat het ervaren van de kracht van Christus' opstanding en het delen in zijn lijden twee aspecten zijn van het kennen van Christus.

Paulus gebruikt hier in Filippenzen 3:10 het bekende woord koinonia, waarvan de letterlijke vertaling luidt 'de gemeenschap van zijn lijden'. Er is een diepe eenheid met Christus die wij slechts in het lijden kunnen ervaren.

(...)

Als hij onze erfenis in Christus beschrijft, zegt Paulus:
'En nu we zijn kinderen zijn, zijn we ook zijn erfgenamen, erfgenamen van God. Samen met Christus zijn wij erfgenamen: wij moeten delen in zijn lijden om met Hem te kunnen delen in Gods luister' (Rom. 8:17, curs. toegevoegd).
Wanneer wij lijden, lijden we met Christus.

Stel dat het ons grootste verlangen in dit leven is om dicht bij Jezus te komen en wij zijn ervan doordrongen dat lijden meewerkt om dit doel te bereiken, zou het lijden dan een groot punt voor ons zijn? We zullen dat zien als de moeite die we ons moeten getroosten om een examen te halen of een gouden medaille te winnen op de Olympische Spelen.

Toyohiko Kagawa (1888-1960) was een Japanse evangelist, die baanbrekende sociale vernieuwingen bewerkte (...). Op een bepaald moment verwachtte hij blind te zullen worden - wat overigens niet gebeurd is. Hij reageerde als volgt op dat vooruitzicht:
'De duisternis, de duisternis is een heilige der heiligen dat niemand van mij af kan nemen. In het donker ontmoet ik God van aangezicht tot aangezicht.'


Een Chinese evangelist die vele jaren gevangenzat om zijn geloof, verklaarde:
'Als u het als een voorrecht beschouwt om te lijden voor uw geloof, dan zal het lijden uw vriend worden, die u dichter bij God brengt.'


Een Roemeense voorganger die zwaar te lijden had gehad onder het communistische regime, sprak:
'Christenen zijn net spijkers; hoe harder men erop slaat, hoe dieper ze gaan.'


(...)

De zendelingen John en Betty Stam, die werkzaam waren in communistisch China, werden gedood door de autoriteiten toen ze zevenentwintig en negentwintig jaar oud waren. John heeft eens gezegd:
'Neem alles van mij af, maar beroof mij niet van de diepe vreugde die het wandelen en praten met de Koning der heerlijkheid mij geeft.'


Als wij zo'n diep verlangen hebben naar intimiteit met Christus, als wij ons bewust zijn van het feit dat die intimiteit toeneemt door te lijden, dan verliest het lijden zijn kwade reuk volkomen. Dan vrezen wij het lijden niet. Integendeel, als het op ons pad komt, dan kiezen wij ervoor het om te buigen tot een kans om ons doel te bereiken: dichter aan het hart van Christus te komen."

"Graham Kendrick heeft een lied gecomponeerd waarin dit verlangen om Jezus te kennen schitterend tot uitdrukking wordt gebracht:
Wat mij dierbaar was, wat ik vinden wou,
dingen waar ik mij aan binden zou,
alles wat ik zocht, kennis, macht of geld
heeft geen waarde meer. Wat werk'lijk telt:

Ik wil U kennen, Jezus;
dat is mijn grootste schat.
U verlost, U bevrijdt,
U bent mijn gerechtigheid;
O, ik hou van U..."





(Fragment uit: 'Vreugde vermengd met pijn', Ajith Fernando, uitg. Medema, pag. 79-81)