Posts tonen met het label Flavel. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Flavel. Alle posts tonen

maandag 24 september 2012

Hij zal ons met Christus alle dingen schenken - ZEKER


‘Hij heeft zijn eigen Zoon niet gespaard, maar Hem voor ons allen overgegeven. Hoe zou Hij ons met Hem ook niet alle dingen schenken?’ (Rom. 8:32). Hoe kunnen we ons ooit voorstellen dat God na deze dingen nog iets zou achterhouden voor zijn volk, van geestelijke of tijdelijke dingen?

Hoe zou Hij hen niet krachtdadig roepen, niet vrijelijk rechtvaardigen, niet ten volle heiligen, en niet eeuwig verheerlijken? Hoe zal Hij hen niet bekleden, voeden, beschermen en bevrijden?

Zeker, als Hij zijn eigen Zoon geen enkele slag zou besparen, geen traan, geen gekerm, geen zucht, geen omstandigheid van ellende, kun je je onmogelijk voorstellen dat Hij zijn volk, het volk voor wie dit alles geleden werd, hierna ooit iets zou weigeren of onthouden aan genadebewijzen, vertroostingen, voorrechten, geestelijk of tijdelijk, van wat goed voor haar is.'

(citaat van John Flavel (1630-1691), gelezen bij John Piper en vrij vertaald)

donderdag 12 november 2009

God heeft te veel betaald om ons ook maar iets te onthouden

'Hoe zal Hij, die zelfs zijn eigen Zoon niet gespaard, maar voor ons allen overgegeven heeft, ons met Hem ook niet alle dingen schenken?' (Romeinen 8:32).

"Hoe is het denkbaar dat God hierna enig geestelijk of wereldlijk goed zou onthouden aan zijn volk? Hoe zal Hij hen niet doeltreffend roepen, om niet (= zonder tegenprestatie, JL) rechtvaardigen, door en door heiligen, en voor eeuwig verheerlijken?

Hoe zal Hij hen niet kleden, voeden, beschermen, en verlossen? Als Hij zijn eigen Zoon niet één slag, één traan, één kreun, één zucht, één ellendige situatie wilde besparen, dan is het zeker onvoorstelbaar dat Hij hierna ooit aan zijn volk, terwille waarvan dit alles werd geleden, enige barmhartigheid, enige vertroosting, enig voorrecht, geestelijk of wereldlijk, dat goed voor hen is, zou weigeren of onthouden."

Johannes Flavelius (John Flavel), The Works of John Flavel, pag. 418.

John Piper voegt er in zijn boek "Toekomstige Genade" nog een gebed aan toe wanneer hij Flavelius citeert:

"O Here, ik geloof, kom mijn ellendige ongeloof te hulp. Wat een leven! Vrij van gemopper en geklaag, en vol risico en vreugde en liefde! God, ik wil dit werkelijk beleven. Help me. O, onthoud me niets dat me in dit geweldige vertrouwen kan doen leven."

zondag 12 april 2009

De meest oneerlijke wissel ooit


Heer, de veroordeling was voor U,
opdat de rechtvaardiging voor mij zou zijn

De strijd was voor U,
opdat de overwinning de mijne zou zijn

De pijn was voor U,
en de rust voor mij

De striemen waren voor U,
en de genezende balsem die eruit voortkwam voor mij

De azijn en gal waren voor U,
opdat de honing en het zoete de mijne werden

De vloek was voor U,
opdat de zegen de mijne mocht zijn

De doornenkroon was voor U,
opdat de kroon van heerlijkheid voor mij zou zijn

De dood werd de Uwe,
het leven dat ermee gekocht werd het mijne

U betaalde de prijs
opdat ik de erfenis zou genieten


Vrij vertaald naar John Flavel (1671), uit zijn preek 'The Solemn Consecration of the Mediator' (in The Fountain of Life Opened Up: or, A Display of Christ in His Essential and Mediatorial Glory).
Gelezen bij Justin Taylor.


Oorspronkelijk tekst:

The Great Exchange - door John Flavel


Lord, the condemnation was yours,
that the justification might be mine.

The agony was yours,
that the victory might be mine.

The pain was yours,
and the ease mine.

The stripes were yours,
and the healing balm issuing from them mine.

The vinegar and gall were yours,
that the honey and sweet might be mine.

The curse was yours,
that the blessing might be mine.

The crown of thorns was yours,
that the crown of glory might be mine.

The death was yours,
the life purchased by it mine.

You paid the price
that I might enjoy the inheritance.

maandag 3 november 2008

Levens lees je achterwaarts

"Sommige voorzienigheden van God moeten gelezen worden als Hebreeuwse brieven: achterwaarts"
John Flavel

zaterdag 22 maart 2008

“Het is volbracht”


In Volume 1 van zijn verzamelde werken helpt de Puriteinse prediker John Flavel ons om het gesprek tussen de Vader en de Zoon voor te stellen in de eeuwigheid die achter ons ligt, terwijl ze onze redding plannen.

Vrij vertaald gaat het zo:

Vader: Mijn zoon, er is hier een stel miserabele zielen dat zichzelf volkomen te gronde gericht heeft en nu onder mijn oordeel valt. Gerechtigheid vraagt genoegdoening voor hen, of zal bevrediging vinden in hun eeuwige verderf. Wat zal er voor deze zielen gedaan worden?

Zoon: O mijn Vader, mijn liefde voor hen en medelijden met hen is zo groot dat ik voor hen zal instaan als hun borg, liever dan dat ze voor eeuwig verloren zouden gaan. Breng al uw rekeningen in, opdat ik zou zien wat ze U verschuldigd zijn. Heer, breng ze alle in, opdat er achteraf geen rekeningen meer zouden openstaan. Van mijn hand mag U ze eisen. Ik kies liever om uw toorn te ondergaan dan dat zij eronder moeten lijden. Op mij, mijn Vader, op mij zij al hun schuld.

Vader: Maar mijn Zoon, als jij voor hen instaat, dan moet je weten dat je zult betalen tot de laatste cent. Verwacht geen korting. Als ik hen spaar, dan zal ik jou niet sparen.

Zoon: Akkoord, Vader. Laat het zo geschieden. Reken het mij allemaal aan. Ik ben in staat om het te betalen. En hoewel het een soort ondergang voor me zal zijn, hoewel het mijn rijkdom volledig zal uitputten, al mijn schatten zal leegmaken, toch ben ik bereid om dit te ondernemen.


Op die Goede Vrijdag zo lang geleden, werd de oude overeenkomst uitgevoerd. Hij betaalde alles, tot de laatste cent. Het is volbracht.

Gelezen bij Ray Ortlund. De foto vond ik hier.