maandag 6 februari 2012

Geloof midden de ellende (Gn.39)


Genesis 39, Markus 9, Job 5, Romeinen 9

Het is volkomen terecht Genesis 39 te lezen als een les in morele moed, een gevalsstudie van een Godvrezend man die goed beseft dat een aantrekkelijke verleiding in werkelijkheid een uitnodiging is om tegen God te zondigen (39:9). Daarom geeft hij meer om zijn reinheid dan om zijn vooruitzichten.

Niettemin moeten we Genesis 39 ook lezen in diverse bredere verbanden, telkens met belangrijke lessen ermee verbonden.

Ten eerste begint en eindigt dit hoofdstuk op een manier die zeer gelijklopend is. Die literaire ‘inclusie’ (insluiting) is een signaal dat de thema’s in het aanvangs- en slotgedeelte het hele hoofdstuk bepalen. In het begin wordt Jozef verkocht om voor Potifar te werken. God is zodanig bij hem dat hij na verloop van tijd de hoofdbediende wordt van dit aanzienlijk huishouden. We moeten niet denken dat dit gebeurde in een tijdspanne van twee weken; de chronologie suggereert dat acht of 10 jaren voorbijgingen. Gedurende die tijd moet Jozef de taal geleerd hebben en zich van onderaan de ladder opgewerkt hebben. Maar dit was allemaal verbonden met de zegen van God over Jozefs leven en met de daarmee verbonden integriteit van de Jozef. Op het eind van het hoofdstuk werd Jozef in de gevangenis geworpen nadat hij valselijk werd beschuldigd. Maar zelfs hier is God met hem en Hij schenkt hem goedgunstigheid in de ogen van de gevangenbewaarder. Na een tijd krijgt hij de leiding over de gevangenen. Zo toont het hoofdstuk in zijn geheel dat God soms kiest om ons te zegenen en ons tot integere mensen te maken temidden abominabele omstandigheden, eerder dan onze omstandigheden te veranderen.

Ten tweede dient Genesis 39 als een tegengewicht voor Genesis 38. Juda is een vrij en rijk man, maar wanneer zijn vrouw hem ontnomen wordt zal hij uiteindelijk zelfs met zijn schoondochter slapen. Hij handelt volgens een dubbele standaard en maakt zichzelf en zijn familie te schande. (Het feit dat hij aanvankelijk wil dat Thamar terechtgesteld wordt voor een zonde die hij ook zelf begaan heeft, toont dat het er hem minder om gaat de schuldige om principiële redenen te straffen dan wel om hen te straffen die betrapt worden.) Jozef is een slaaf maar onder de zegen van God bewaart hij zijn seksuele reinheid en integriteit. Wie is gelukkiger in de ogen van de wereld? Wie is gelukkiger in het licht van de eeuwigheid?

Ten derde is Genesis 39 onderdeel van de weg tot Jozefs verhoging tot het leiderschap over Egypte. Door de ellendige middelen beschreven in Genesis 37 en 39-40, wordt Jozef uiteindelijk een soort Eerste Minister van Egypte en redt hij velen van de hongerdood – ook zijn eigen uitgebreide familie, en zodoende ook de lijn van de Messias. Maar Jozef kon niet weten wat het uiteindelijke resultaat ging zijn toen hij door zijn lijden moest. Hij kende hoogstens de verhalen die sinds Abraham telkens werden doorgegeven en zijn eigen jeugddromen (Gen. 37). Maar Jozef wandelt door geloof en niet door aanschouwen.


Eigen vertaling van de overdenking bij 6 februari uit 'For the Love of God - Volume 1'. Dit is een dagboek door D.A. Carson, uitgegeven bij IVP in 1998. Dit dagboek kan in het Engels online gevolgd worden via de blog For the Love of God (The Gospel Coalition) of is beschikbaar in pdf-formaat voor gratis download via deze link naar For the Love of God Volume I.

Bron afbeelding

Geen opmerkingen:

Een reactie posten