dinsdag 17 maart 2009

Tekst lezing "Veroordeling & vrijheid" - deel 5

Deel 5 van de lezing in Menen van februari jongstleden door Jos Vanlede. Onderwerp: "Veroordeling & vrijheid" (reeks: "Leven voor Gods aangezicht")

WAAROM BEDEKTE MOZES ZIJN GEZICHT?

De passage uit Ex.34 waarop Paulus zinspeelt, zegt ons niet met zoveel woorden waarom Mozes zijn gezicht steeds terug bedekte, nadat hij uit de tegenwoordigheid van God kwam om met het volk te spreken. Mozes’ gezicht weerspiegelde de zuiverheid en de heiligheid van God aangezicht.God had zelf gezegd dat niemand ooit Zijn aangezicht zou kunnen aanschouwen en blijven leven. Het was Mozes vergund geweest een glimp op te vangen van de ontzagwekkende heerlijkheid van God. De Here God was aan Hem voorbijgegaan, toen Mozes in de rotsholte stond en de hand van God hem bedekte opdat hij niet zou sterven.

Mozes wist, dat wanneer het volk ongehinderd blootgesteld werd aan de weerspiegelde heerlijkheid van God op zijn aangezicht, dit voor hen fataal zou zijn - omwille van hun verharde hart.
Het hart van de mensen was niet recht voor God, er was een chronisch ongeloof en wantrouwen in God en Zijn dienaar Mozes. Van meet af aan bleek hun opstandigheid en halsstarrige onwilligheid om te horen en aan te nemen wat God hen op het hart wilde drukken.

Het dragen van de bedekking was Mozes manier om het halsstarrige en onwillige volk te beschermen voor de niets ontziende heiligheid van God. De bedekking van Mozes maakt het mogelijk dat de heerlijkheid van God door bemiddeling van Mozes te midden van de mensen aanwezig kan zijn - ondanks hun verharde hart.

De bedekking is enerzijds een uitdrukking van Gods heilig oordeel t.a.v. hun zondige toestand en anderzijds een bewijs van Gods genade dat Hij - ondanks alles - hen niet opgeeft.
14 Hun denken verstarde, en dezelfde sluier ligt tot op de dag van vandaag over het oude verbond wanneer het voorgelezen wordt. Hij wordt alleen in Christus weggenomen.
15 Tot op de dag van vandaag ligt er een sluier over hun hart, telkens als de wet van Mozes wordt voorgelezen.
16 Maar telkens als iemand zich tot de Heer wendt, wordt de sluier weggenomen.

God geeft hen niet op, maar de ware toedracht van het OT, waar het verbond van de Sinaï naar vooruitwees, blijft verborgen voor hen die zich niet willen onderwerpen aan God.
God geeft licht. Maar licht kan zowel klaarheid schenken in de duisternis, als het ook mensen kan verblinden.
Christus was voor veel orthodoxe joden een struikelblok: hij paste niet in hun plaatje, Hij vulde hun opvattingen en ideeën niet in ivm wie de Messias hoorde te zijn. De Messias was niet alleen de zoon van David, maar evenzeer de lijdende dienaar van God.
De hardnekkigheid en onwil om God te vertrouwen wordt alleen weggenomen wanneer iemand zich tot Christus omkeert en zichzelf onvoorwaardelijk en volkomen aan Hem toevertrouwt.

In dat opzicht is Mozes die tot God komt en met onbedekt aangezicht de heerlijkheid van God aanschouwt een voorafschaduwing, een illustratie, van wat niet alleen elke jood, maar ook ieder mens hoort te doen om waarlijk vrijgemaakt te worden door Jezus Christus.

ENKEL VOOR HET JOODSE VOLK?

Misschien denkt u dat wat Paulus hier aangeeft enkel van toepassing is voor het joodse volk, met wie het oude verbond gesloten is. Dat het van geen betekenis is voor de overige volken van de wereld.
Paulus heeft het hierover in een passage in de Romeinenbrief die ik u wil voorlezen:
19 Nu weten wij, dat al wat de wet zegt, zij dat spreekt tot hen die onder de wet zijn, opdat elke mond wordt gestopt en de hele wereld strafschuldig wordt voor God.
20 Daarom zal op grond van werken van de wet geen enkel vlees voor Hem gerechtvaardigd worden; want door de wet komt kennis van zonde. (TELOS Rm.3:19,20)

Het joodse volk heeft boven alle volken geweldige privileges ontvangen. Als er iemand voordeel kon putten uit de woorden van God, als er iemand rechtvaardig voor God bevonden kon worden op grond van de wet van God, dan zou dit zeker voor hen het geval zijn. Maar ze werden niet rechtvaardig bevonden op grond van de zaken die ze deden om aan die wet invulling te geven in hun leven.

Waarom?
Omdat de wet juist de vinger op de wonde legt en de machteloosheid en de onwil aan het licht brengt.
Er is geen enkele reden om te geloven dat ook maar iemand waar ook ter wereld het er beter van af zou brengen dan het joodse volk. Als het volk Israël er al niet in slaagde om gerechtvaardigd te worden voor God op grond van eigen prestaties, dan kan er geen enkel mens op grond van eigengerechtigheid voor God bestaan en is de hele wereld strafschuldig voor God.

De weg die God gaat met Israël staat model voor de hele mensheid. Israël is een “test case” waarvan de uitkomst de realiteit ontvouwt voor de hele mensheid, waar ook ter wereld.
Het ijverig streven naar eigengerechtigheid en zelfrechtvaardiging is “de modus operandi” van elke sterveling, of hij nu religieus is of atheïst.

DE “MODUS OPERANDI” van de mensheid

Wij mensen geloven in gerechtigheid en eerlijkheid en je woord houden, zorg dragen voor anderen, liefdadigheid. Iedereen heeft een eigen morele code en iedereen gelooft van zichzelf dat hij behoorlijk naar die code leeft.

Die gedrevenheid om deugdzaam te zijn is een afgod waarop wij van nature vertrouwen.
Die aanhoudende ijver om onszelf te bewijzen is een manier om ons te onttrekken aan God en ons niet te moeten onderwerpen aan God als onze Redder.
Alle vormen van moraliteit en godsdienstigheid zijn in dat opzicht slechts verschillende vormen van opstandigheid tegen God. Deze zaken ijverig najagen om onszelf te bewijzen, brengt ons geen stap dichter bij God. Integendeel: het drijft ons juist steeds verder van God weg. Het is een zelfzuchtige poging om onszelf te beredderen en baas te zijn in eigen leven.
16 Maar telkens als iemand zich tot de Heer wendt, wordt de sluier weggenomen.
17 Welnu, met de Heer wordt de Geest bedoeld, en waar de Geest van de Heer is, daar is vrijheid.

Alleen Christus kan ons waarlijk bevrijden van de opstandigheid en onwilligheid tot gehoorzaamheid, alleen door en in Hem gaan de veelbelovende woorden van Ezechiël in vervulling:
25 Ik zal zuiver water over jullie uitgieten om jullie te reinigen van alles wat onrein is, van al jullie afgoden.
26 Ik zal jullie een nieuw hart en een nieuwe geest geven, ik zal je versteende hart uit je lichaam halen en je er een levend hart voor in de plaats geven.
27 Ik zal jullie mijn geest geven en zorgen dat jullie volgens mijn wetten leven en mijn regels in acht nemen. (Ezech.36:25-27)

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen