maandag 9 maart 2009

Tekst lezing "Veroordeling & vrijheid" - deel 2

Deel 2 van de tekst van de lezing die Jos Vanlede op 28 februari in Menen gaf, in de reeks "Leven voor Gods aangezicht": “veroordeling & vrijheid”.

"We lezen de passage en nemen de draad op van de context waarin Paulus over veroordeling en vrijheid spreekt:

(uit de NBV: 2Kor.3:1-18)
1 Beginnen we onszelf weer aan te bevelen? Of hebben we net als sommige anderen aanbevelingsbrieven voor of van u nodig?
2 U bent zelf onze aanbevelingsbrief, in ons hart geschreven, maar voor iedereen te zien en te lezen:
3 u bent zelf een brief van Christus, door ons opgesteld, niet met inkt geschreven maar met de Geest van de levende God, niet in stenen platen gegrift maar in het hart van mensen.
4 Dit vertrouwen kunnen wij dankzij Christus tegenover God uitspreken.
5 Niet dat wij vanuit onszelf zo bekwaam zijn dat we dit als ons eigen werk kunnen beschouwen; onze bekwaamheid danken we aan God.
6 Hij heeft ons geschikt gemaakt om het nieuwe verbond te dienen: niet het verbond van een geschreven wet, maar dat van zijn Geest. Want de letter doodt, maar de Geest maakt levend.
7 Wanneer wat de dood bracht en met letters in steen werd gegrift, al met zoveel luister verscheen dat het volk van Israël niet naar Mozes kon kijken door de stralende glans op zijn gezicht–een glans die verdween–,
8 zal dan wat de Geest brengt niet nog groter luister hebben?
9 Wanneer wat tot veroordeling leidt al met luister is bekleed, dan is wat tot vrijspraak leidt dat des te meer.
10 De luister van toen is niets in vergelijking met de overweldigende luister van nu.
11 Wanneer wat verdwijnt al luister bezit, geldt dat des te meer voor wat blijft.
12 Dit is onze hoop, en daarom handelen we in alle openheid
13 en zijn we niet als Mozes, die zijn gezicht met een sluier bedekte, zodat de Israëlieten niet konden zien dat de glans verdween.
14 Hun denken verstarde, en dezelfde sluier ligt tot op de dag van vandaag over het oude verbond wanneer het voorgelezen wordt. Hij wordt alleen in Christus weggenomen.
15 Tot op de dag van vandaag ligt er een sluier over hun hart, telkens als de wet van Mozes wordt voorgelezen.
16 Maar telkens als iemand zich tot de Heer wendt, wordt de sluier weggenomen.
17 Welnu, met de Heer wordt de Geest bedoeld, en waar de Geest van de Heer is, daar is vrijheid.
18 Wij allen die met onbedekt gezicht de luister van de Heer aanschouwen, zullen meer en meer door de Geest van de Heer naar de luister van dat beeld worden veranderd.

VERTROEBELDE RELATIE

De openingszin van het gedeelte wat we samen gelezen hebben maakt duidelijk dat de relatie tussen de Korinthiërs en Paulus vertroebeld is. “Is de relatie tussen mij en jullie op zo’n dieptepunt gekomen dat aanbeveling door derden nu voor de nodige garantie moeten zorgen?” vraagt Paulus hen.

HOE WAS HET ZOVER GEKOMEN? KAPERS OP DE KUST - VERKEERDE KEELGAT

De vorige brief waarin Paulus de problemen en wantoestanden ernstig aan de kaak stelde, was blijkbaar hard aangekomen en bij sommigen zelfs in het verkeerde keelgat geschoten. Er waren - zoals Geert Soete al duidelijk maakte in zijn inleiding op de eerste lezing - kapers op de kust, valse apostelen, die gretig van de situatie gebruikmaakten om Paulus en zijn bediening in een negatief daglicht te stellen. Mede door hun toedoen waren er vooral twijfels gerezen omtrent de bekwaamheid van Paulus als apostel. Van een toonaangevend denker of leraar werd in die dagen verwacht dat hij niet enkel de goede weg onderwees, maar hij diende evenzeer die goede weg voor te leven.
Paulus is volgens zijn tegenstanders niet bepaald een indrukwekkende verschijning. Overal waar hij ook komt raakt hij in de problemen. Hij komt in de gevangenis terecht en wordt uit de stad gezet, hij wordt soms in elkaar geslagen of zelfs gestenigd, zo is hij zelfs al verschillende malen ternauwernood aan de dood ontsnapt.
Hij leeft in armoede en ontbering en is nogal wispelturig in zijn plannen en beslissingen.
Voor iemand die beweert een apostel te zijn, aangesteld door God, is hij echt helemaal geen groot licht: hij heeft weinig uitstraling weinig charisma een laag “Obama”-gehalte. “En zijn boodschap, het goede nieuws dan: waarom blijft hij maar doordrammen over Jezus’ kruisdood? Het schrikt de mensen gewoon af,” menen zijn tegenstanders. Waarom kan hij niet meer indruk maken op de mensen door inspirerende toespraken en getuigenissen te geven van grootse wonderen? Waarom kan hij het christenzijn niet meer uitstraling geven?

HET EVANGELIE IN GEVAAR

Paulus zoekt zichzelf niet te rechtvaardigen, zijn bekommernis is niet zijn eigen reputatie. Paulus weet echter maar al te goed dat wanneer zijn bekwaamheid en integriteit in twijfel getrokken wordt, ook zijn boodschap ter discussie staat. Dat is Paulus z’n hoofdzorg. Paulus is ervan overtuigd dat de Korinthiërs hem en zijn werk nog onvoldoende begrepen hebben.
Als hij dit door middel van deze brief kan ophelderen worden dan zouden de Korinthiërs beslist een beter begrip krijgen van de boodschap van het kruis van Christus en hoe je als Jezus’ navolgers dient te leven voor het aangezicht van God.

GOEDE WIJN BEHOEFT GEEN KRANS

Jullie zijn mijn geloofsbrief door Christus geschreven door middel van mijn bediening, schrijft Paulus.
Paulus was de geestelijke vader, de stichter van deze geloofsgemeenschap in Korinthe, zij en niemand anders waren het resultaat van zijn prediking en arbeid.

EEN SPRAAKMAKEND GETUIGENIS

De niet te missen verandering die was opgetreden in het leven van deze mensen was geen werk van mensenhanden, maar een onvervalst werk van God. De geloofsgemeenschap in Korinthe was de “geloofsbrief” de zichtbare aanbeveling van Paulus, door de hoogst mogelijke autoriteit geschreven, Namelijk Christus. Deze brief was niet geschreven met inkt maar door de Geest van de levende God.

PAPIER IS GEWILLIG

De radicaal veranderde levensstijl van deze nog jonge christenen, was geen nieuw laagje verf van godsdienstigheid op een oude façade door het strikt naleven van uiterlijke regels. Nee, er had een overweldigende revolutie plaatsgegrepen in het hart van deze Korinthiërs, een revolutie die zich nu zichtbaar uitte in een nieuw leven.
Papier is gewillig maar het hart van een mens niet, mensen kunnen hun eigen hart net zo min veranderen als een zwarte Afrikaan zijn huidskleur kan veranderen of een luipaard zich zou kunnen ontdoen van de vlekken op zijn pels zegt de profeet Jeremia (Jer.13:23)."

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen