donderdag 21 februari 2013

'Waarom leven goddelozen lang, tot in hun ouderdom welvarend en gezond?' (Job 21)


Exodus 4; Lukas 7; Job 21; 1 Korinthiërs 8

De tweede rede van Sofar (Job 20) sluit de tweede ronde van de drie ‘ellendige vertroosters’ af. Jobs antwoord (Job 21) zet het slotakkoord.
Als zij hem geen andere vertroosting kunnen bieden, zegt Job, dan kunnen ze toch minstens luisteren terwijl hij antwoordt (21:2). Wanneer hij gesproken heeft mogen ze dan weer verder spotten (21:3).

De kern van Jobs antwoord stemt iedereen tot nadenken die om moraliteit en rechtvaardigheid geeft: ‘Waarom blijven de goddelozen in leven, worden zij oud, nemen zelfs toe in kracht?’ (21:7). Niet alleen merk je geen duidelijk patroon van temporaal oordeel over de flagrante zondaars; al te vaak is zelfs het omgekeerde waar: de goddelozen kunnen tot de meest welvarenden van het lot behoren. ‘Hun stier bespringt en mist niet, hun koe kalft en heeft geen misdracht’ (21:10). Ze hebben talrijke gezonde kinderen, ze zingen en dansen. Terwijl ze hun totale desinteresse voor God laten blijken (21:14), genieten ze van voorspoed (21:13).

Slechts zelden worden ze gedood (21:17). En als het gaat om populaire spreuken zoals ‘God spaart zijn onheil op voor zijn zonen’, dan is Job niet onder de indruk; de echte goddelozen kan het niet schelen dat ze hun gezinnen achterlaten in ellende, mits ze maar zelf gerust zijn (21:21). Dit is waarom de zondaars zelf moeten ‘drinken van de grimmigheid des Almachtigen’ (21:20) – en dit is niet wat meestal gebeurt.

Het is waar, God weet alles; Job wil Gods kennis en rechtspraak niet ontkennen (21:22). Maar feiten mogen niet verzwegen worden. Eenmaal de rijken en de armen gestorven zijn, wacht hen dezelfde ontbinding (21:23-26). Waar is de gerechtigheid in dat alles?

Al vergunnen we Job zijn overdrijvingen – uiteindelijk krijgen sommige slechte mensen wel degelijk te maken met tijdelijke oordelen – dan mogen we zijn punt niet zomaar afwijzen. Indien de cijfers van zegen en oordeel uitsluitend berekend worden op basis van wat in dit leven plaatsvindt, dan is dit een uiterst onfaire wereld. Miljoenen relatief goede mensen sterven in lijden, armoede en vernedering; miljoenen relatief slechte mensen leven vervulde levens en sterven in hun slaap. We kunnen allemaal de verhalen vertellen die Gods rechtvaardigheid in dit leven aantonen, maar wat met de rest van de verhalen?

Het moraliteitssysteem van Jobs drie gesprekspartners, van lik op stuk geven, behandelt de miljoenen moeilijke kwesties niet. Bovendien wil Job Gods gerechtigheid net zomin als zij in twijfel trekken, maar feiten zijn feiten: het is geen deugd, zelfs al neem je dan de verdediging van Gods gerechtigheid op je, om de waarheid te verdraaien en de werkelijkheid te vervalsen.

In de loop van de tijd zou het duidelijker worden dat finaal oordeel wordt uitgeoefend na de dood – en dat de God van de gerechtigheid zelf weet wat ongerechtigheid is, niet alleen vanuit zijn alwetendheid, maar ook vanuit eigen ervaring aan een kruis.


Eigen vertaling van de overdenking bij 21 februari uit 'For the Love of God - Volume 2'. Dit is een dagboek door D.A. Carson, uitgegeven in 1999 door Crossway Books. Volumes van het dagboek kunnen in het Engels online gevolgd worden via de blog For the Love of God (The Gospel Coalition). For the Love of God volume II is beschikbaar in pdf-formaat voor gratis download via deze link naar For the Love of God Volume II. Met toestemming overgenomen van Crossway, de uitgeverstak van Good News Publishers, Wheaton, IL 60187, www.crossway.org Rechten Nederlandse vertaling: Jan Leplae – Niets van deze vertaling mag overgenomen worden zonder voorafgaandelijke schriftelijke toestemming.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten