donderdag 25 december 2014

Zij werden verzengd door de grote hitte … en zij bekeerden zich niet om Hem eer te geven (Opb. 16)


2 Kronieken 30; Openbaring 16; Zacharia 12:1-13:1; Johannes 15

De zeven schalen van Gods toorn [of gramschap] (Opb. 16), met daarin de laatste zeven plagen (zie ook Opb. 15), worden uitgegoten over de aarde. Ongetwijfeld is veel van de taal symbolisch geladen; soms is die duidelijk, soms is die moeilijker te verstaan.

Hier wil ik focussen op één zinsdeel dat wordt herhaald. Wanneer de vierde engel zijn schaal uitgoot, staat er over de slachtoffers dat ze ‘werden verzengd door de grote hitte en zij lasterden de naam van God, die de macht heeft over deze plagen, en zij bekeerden zich niet om Hem eer te geven’ (16:9, cursief toegevoegd).

Hetzelfde na de vijfde schaal: mensen ‘lasterden de God des hemels vanwege hun pijnen en vanwege hun gezwellen, en zij bekeerden zich niet van hun werken’ (16:11, cursief toegevoegd).

We moeten stilstaan bij deze donkere gedeeltes.

(1) Ze komen meteen na de semi-poëtische zinnen van de voorgaande verzen: ‘Rechtvaardig zijt Gij, die zijt en die waart, Gij Heilige, dat Gij dit oordeel hebt geveld. Omdat zij het bloed der heiligen en der profeten vergoten hebben, hebt Gij hun ook bloed te drinken gegeven; zij hebben het verdiend! … Ja, Here God, Almachtige, uw oordelen zijn waarachtig en rechtvaardig’ (16:5-7). Dit thema kwamen we al eerder tegen. Indien God de aanhoudende aanvallen op zijn verbondsvolk negeert, indien Hij doet alsof de ernstige boosheden die werden begaan in de wereld nooit gebeurden, wordt Hij zelf aangetast: dan is hij hoogstens amoreel, misschien immoreel.

(2) In bepaalde opzichten verklaren de vreselijke woorden van 16:9 iets van de hel zelf. De hel is niet gevuld met mensen die hun lesje hebben geleerd. Ze is vol mensen die nog altijd weigeren zich te bekeren. Zoals degenen die onder deze plagen lijden, lijden ze en vervloeken ze God omwille van hun lijden, maar ze weigeren zich te bekeren van wat ze hebben gedaan. Dit is hoe de hel eruitziet: een voortgaande cyclus van zonde, rebellie, oordeel, zonde, rebellie, oordeel, zonder einde.

(3) Deze Schriftgedeeltes van verschrikkelijk oordeel moeten worden gezien in het kader van het volledige boek Openbaring. Openbaring 5 heeft al de aandacht gevestigd op de Leeuw/het Lam wiens triomfantelijke lijden mannen en vrouwen heeft gered uit elke stam en taal en volk en natie. Openbaring eindigt met een uitnodiging: Geest en Bruid (een ander woord voor de kerk, het volk van God) roepen nog altijd ‘Kom’(22:17). ‘En de Geest en de bruid zeggen: Kom! En wie het hoort, zegge: Kom! En wie dorst heeft, kome, en wie wil, neme het water des levens om niet’ (22:17).
Er staat geschreven: ‘Wie onrecht doet, hij doe nog meer onrecht; wie vuil is, hij worde nog vuiler; wie rechtvaardig is, hij bewijze nog meer rechtvaardigheid; wie heilig is, hij worde nog meer geheiligd’ (22:11).


Eigen vertaling van de overdenking bij 25 december uit 'For the Love of God - Volume 1'. Dit is een dagboek door D.A. Carson, uitgegeven in 1998 door Crossway Books. Volumes van het dagboek kunnen in het Engels online gevolgd worden via de blog For the Love of God (The Gospel Coalition). For the Love of God volume I is beschikbaar in pdf-formaat voor gratis download via deze link naar For the Love of God Volume I. Met toestemming overgenomen van Crossway, de uitgeverstak van Good News Publishers, Wheaton, IL 60187, www.crossway.org Rechten Nederlandse vertaling: Jan Leplae – Niets van deze vertaling mag overgenomen worden zonder voorafgaandelijke schriftelijke toestemming.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten